Runderen

Runderen in natuurgebieden inzetten: voorbereiding voor beheerders

Een persoon staat bij een gesloten houten hek en kijkt naar een bruine koe in een grasland met struiken.

Praktische gids

Runderen in natuurgebieden inzetten: voorbereiding voor beheerders

Runderen in een natuurgebied inzetten begint met de vraag of begrazing bij het beheerdoel en het terrein past. Beoordeel daarna samen met de houder de dieren, de voorzieningen en het toezicht. Leg ook vast hoe bezoekers de dieren kunnen tegenkomen en wie handelt als de situatie verandert. Een rasnaam of een geschikte afrastering op papier is daarvoor niet genoeg.

Een persoon staat bij een gesloten houten hek en kijkt naar een bruine koe in een grasland met struiken.
Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Beheerdoelen, toegankelijkheid en seizoensgebruik van het terrein
  3. Ras, individuele runderen, groepsbeheer en toezicht beoordelen
  4. Drinkwater, afrastering, schuilplekken en toegang voor verzorgers
  5. Publieksveiligheid: toegangen, informatie en incidentenroute
  6. Houderijverantwoordelijkheid en voorwaarden voor natuurbeheer scheiden

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Begin met vijf afspraken: wat begrazing moet opleveren, welke dieren komen, hoe hun verzorging is geregeld, hoe het publiek het gebied gebruikt en wie waarvoor verantwoordelijk is.

Beheerdoelen, toegankelijkheid en seizoensgebruik van het terrein

Beschrijf welke begroeiing u wilt behouden of ontwikkelen en op welke plekken verandering gewenst is. Begrazing kan voor afwisseling in de vegetatie zorgen, maar voor sommige doelen past maaien beter. Spreek met de terreinbeheerder af welke delen begraasd worden, welke delen worden ontzien en waaraan u het resultaat later toetst. Staatsbosbeheer bespreekt de keuze tussen grazen en maaien.

Loop vervolgens de beoogde routes en toegangen na. Waar komen wandelaars, fietsers en honden? Liggen paden dicht bij drinkplekken, rustplekken of een afrastering waar dieren niet kunnen uitwijken? De plek die runderen gebruiken kan veranderen; toets de route daarom opnieuw tijdens de begrazing. ARK Rewilding beschrijft deze aandachtspunten voor de terreininrichting.

Maak de afweging ook per gebruiksperiode. Bespreek met de houder wat droogte, natte grond, hoogwater, voedselaanbod en bezoekersdruk voor dit terrein en deze dieren betekenen. Leg vast wie opnieuw beoordeelt of de geplande begrazingsperiode nog past en welke andere plek beschikbaar is als een terreindeel niet bruikbaar blijft.

Ras, individuele runderen, groepsbeheer en toezicht beoordelen

Kies geen runderen uitsluitend op ras. Laat een deskundige in runderen en kuddebeheer ook de individuele dieren en de groepssamenstelling beoordelen: hoe reageren zij op mensen en honden, en kan de houder hen bereiken en zo nodig verzamelen? Neem mogelijke geboortes en veranderingen in de groep mee. Ook een dier dat doorgaans rustig is, hoeft niet benaderbaar te zijn. ARK Rewilding licht het belang van individueel gedrag en groepsbeheer toe.

Spreek vóór plaatsing af wie de dieren controleert, wie deze persoon vervangt en hoe bevindingen bij de houder terechtkomen. Zorg dat ook afgelegen terreindelen bereikbaar zijn. Noteer hoe de houder reageert op een dier dat gewond lijkt, moeilijk loopt of afwijkend gedrag vertoont, en hoe de dierenarts bereikbaar is. Staatsbosbeheer beschrijft hoe zulke signalen in de Oostvaardersplassen worden gevolgd; bepaal het toezicht voor uw eigen terrein afzonderlijk.

Drinkwater, afrastering, schuilplekken en toegang voor verzorgers

Controleer de voorzieningen ter plaatse, niet alleen op de kaart. Bij hitte zijn voldoende water en schaduw belangrijk; bij koud en nat weer tellen beschutting en een droge ligplek mee. De NVWA geeft uitleg over hitte en over kou en nat weer.

Terreinkaartcheck vóór plaatsing van runderen
Markeer op de kaart Controleer ter plaatse Maak een afspraak over
Waterpunten Kunnen alle dieren erbij en is controle mogelijk als de aanvoer uitvalt? Controle, onderhoud en een alternatief bij uitval.
Afrastering en poorten Waar zitten kwetsbare grenzen, doorgangen en plekken dicht bij publiek? Inspectie, herstel en toegang voor verzorgers.
Beschutting en droge grond Welke plekken blijven bruikbaar bij hitte, regen en hoogwater? Een andere plek als die mogelijkheden wegvallen.
Publieke routes Waar liggen ingangen, hondenroutes en smalle passages? Bezoekersinformatie en eventuele omleidingen.
Inspectietoegang Zijn dieren en voorzieningen ook bij slecht weer bereikbaar? Een route voor verzorging en opvolging van incidenten.

Beoordeel de afrastering als geheel, met de dieren, poorten en publieke omgeving in gedachten. In Farmora’s categorie afrastering kunt u onderdelen bekijken; de categorie zegt niet of een onderdeel geschikt is voor dit terrein. Laat de uiteindelijke inrichting ter plaatse beoordelen.

Publieksveiligheid: toegangen, informatie en incidentenroute

Bepaal met de terreinbeheerder waar bezoekers de runderen kunnen tegenkomen. Geef bij de toegangen duidelijk aan dat er runderen lopen, dat bezoekers afstand houden en de dieren niet voeren of aaien. Vermeld ook de regels voor honden die voor het betreffende gebied gelden. Controleer of deze informatie ook bij minder gebruikte ingangen staat. ARK Rewilding bespreekt bezoekersinformatie en de inrichting van routes.

Schrijf een korte incidentenroute: wie ontvangt een melding, welke locatiegegevens zijn nodig, wie beoordeelt de situatie met de dieren en wie kan een pad tijdelijk afsluiten of hulp inschakelen? Controleer met de betrokken beheerder en instanties wie deze taken mag uitvoeren. Zet een bereikbaar contactpunt op de bezoekersinformatie.

Test de afspraken met een denkbeeldige melding: runderen staan op een smal pad. Kan degene die de melding ontvangt de plek vinden en is duidelijk wie over een omleiding beslist? Laat het verplaatsen van dieren aan de daarvoor aangewezen deskundigen over.

Houderijverantwoordelijkheid en voorwaarden voor natuurbeheer scheiden

Leg vast wie de runderen houdt en wie namens de houder controles, verzorging en contact met de dierenarts uitvoert. Een natuurdoel neemt de welzijnsregels voor gehouden runderen niet weg: de NVWA noemt uitdrukkelijk ook gehouden runderen in natuurgebieden.

Controleer afzonderlijk de registratie van de dierlocatie en de runderen. RVO legt uit wanneer een locatie een UBN nodig heeft en kan bij twijfel over de percelen een situatieschets beoordelen. Gebeurtenissen zoals aanvoer en afvoer horen in de registratie van runderen. Ook als iemand anders de meldingen verzorgt, blijft de houder verantwoordelijk voor juiste en tijdige gegevens. Bekijk de uitleg van RVO over rundermeldingen.

Houd daarnaast de terreinafspraken apart: beheerdoel, gebruiksperiode, monitoring, toegang voor publiek en eventuele voorwaarden van eigenaar, pacht of subsidie. Of een perceel voor subsidie in aanmerking kan komen, hangt onder meer af van het provinciale natuurbeheerplan en het toepasselijke openstellingsbesluit. Controleer de stukken voor het eigen perceel bij de provincie. BIJ12 licht de rol van provincies toe.

Neem pas een besluit over plaatsing als de houder en terreinbeheerder de openstaande punten op de terreinkaart hebben beoordeeld en de taken, bereikbaarheid en opvolging van meldingen duidelijk zijn.