Afrastering voor weide en tuin
Keuzeadvies ↓Van een nieuwe weideomheining tot een afzetting voor de tuin: schrikdraad, lint, koord, palen en netten geven jouw perceel een duidelijke grens. Met losse onderdelen breid je een bestaande afrastering eenvoudig uit.
Resultaat 1–12 van de 116 resultaten wordt getoond
Alle producten in Afrastering
Welke afrastering past bij jouw plek?
Wil je een wei opdelen, kippen een stuk grond geven of voorkomen dat dieren in je moestuin komen? Begin dan niet bij een rol of apparaat, maar bij de plek die je wilt afzetten. Een rechte lijn langs een bestaande wei vraagt iets anders dan een afzetting die je regelmatig verplaatst. Ook maakt het uit of je stroom wilt gebruiken.
| Je situatie | Eerste productkeuze | Daarna bepalen |
|---|---|---|
| Losse rijen langs de wei | Lint of koord | Aantal rijen, palen en bevestigingen |
| Een verplaatsbaar stuk voor schapen | Elektrisch schapennet | Route, aantal netten en stroomvoorziening |
| Kippen of moestuin zonder stroom | Stroomloos net voor die toepassing | Lengte, hoogte en toegang |
| Een bestaande lijn herstellen | Het beschadigde onderdeel | Maat en aansluiting op wat blijft staan |
Veeg horizontaal of gebruik de pijltjestoetsen om alle kolommen te bekijken.
Voor een weideafrastering met losse rijen kies je een geleider, zoals lint of koord, en de palen en bevestigingen die daarbij passen. Een net brengt palen en meerdere horizontale draden samen in één product. Voor de tuin zijn er bovendien afscheidingsnetten zonder stroomdraden. Zo kun je eerst de vorm kiezen en daarna pas de uitvoering.
| Een handige volgorde voor je plan
- Loop de route na. Waar liggen de hoeken, bestaande palen en plekken waar je naar binnen wilt?
- Bepaal of de afscheiding blijft staan of later weer verhuist.
- Kies losse rijen of een net, en bepaal of het om een elektrische opstelling gaat.
- Tel per gekozen soort de benodigde meters en bevestigingen.
- Maak de lijst af met de doorgang en, bij stroom, voeding, aarding en een manier om te testen.
Bij een bestaande afrastering kun je vaak gerichter beginnen. Is alleen een doorgang onhandig, dan hoeft de hele lijn niet opnieuw. Zijn juist de palen of bevestigingen beschadigd, kies dan een vervanging die bij je huidige geleider past. Verderop vind je voorbeelden om materiaal te berekenen en onderdelen te combineren. Voor het kiezen van een specifieke breedte lint of een bepaald net kun je daarna in de onderliggende productgroep verder kijken.
Lint of koord voor losse rijen kiezen
Tussen palen kun je losse rijen geleider spannen. Bij de keuze tussen lint en koord helpt de vorm: lint is breed en plat, koord is rond. Breed lint valt doorgaans meer op. Denk tegelijk aan de bochten en doorgangen in je route. Je hebt bevestigingen nodig die de gekozen vorm en breedte kunnen opnemen; een rol lint alleen maakt nog geen complete afrastering.
Breder lint voor een paardenafrastering
Voor een lijn met lint van 40 mm zijn ZoneGuard Basic lint 40 mm zwart en ZoneGuard Plus lint 40 mm bruin twee concrete opties. Beide rollen bevatten 200 meter en zijn volgens de productomschrijving geschikt voor paardenafrastering. Het relevante verschil zit vooral in de opgegeven weerstand: 2,58 ohm per meter bij het zwarte Basic lint en 0,04 ohm per meter bij het bruine Plus lint. Een lagere weerstand betekent dat een geleider stroom makkelijker doorgeeft.
Kies dus niet alleen op de kleur die je het mooist vindt. Wil je de weerstand van de geleider zwaarder laten meewegen, dan ligt het Plus lint meer voor de hand. Sluit je aan op bestaand zwart lint en is die uitvoering passend voor je opstelling, dan kun je het Basic lint vergelijken. De kleur op zichzelf zegt niets over de geleiding. Binnen Schriklint kun je deze keuze verder uitwerken voor jouw route.
Rond koord voor een andere soort lijn
Zoek je een ronde geleider, vergelijk dan ZoneGuard Basic koord wit 200 m met ZoneGuard Plus koord wit 200 m. Beide zijn bedoeld voor vee en paarden. Basic heeft een opgegeven weerstand van 3,87 ohm per meter; bij Plus is dat 0,05 ohm per meter. Daarmee heb je een duidelijker verschil om op te kiezen dan alleen de naam Basic of Plus.
Een rond koord vraagt om passende ogen of isolatoren voor koord. Dat kan goed uitkomen als je al palen met zulke bevestigingen hebt. Breed lint kies je eerder wanneer de zichtbaarheid van een platte strook belangrijk is. Wil je soorten koord naast elkaar bekijken, ga dan naar Schrikkoord. Voor de bredere keuze tussen geleiders is er Schrikdraad lint en koord.
Bij een aanvulling op een bestaande lijn is dezelfde vorm nog maar het begin. Vergelijk ook de breedte of dikte, de manier waarop het materiaal aan de palen zit en de verbinding met het oude deel. Heb je meerdere rijen met verschillende materialen, noteer die dan afzonderlijk. Je rekent later per soort uit hoeveel rollen je nodig hebt. Dat voorkomt dat je genoeg meters in totaal koopt, maar te weinig van het materiaal voor één specifieke rij.
Denk bij een paardenwei ook aan de doorgang voordat je het lint uitrolt. Een brede ingang voor een kruiwagen of voermateriaal vraagt een andere indeling dan een kleine opening waar je alleen zelf doorheen gaat. Zo kies je niet alleen een geleider voor het rechte stuk, maar maak je een plan waarin de afrastering dagelijks bruikbaar blijft.
Wanneer kies je een net?
Een afrasteringsnet is handig wanneer je palen en meerdere rijen in één verplaatsbare afscheiding zoekt. De netten in dit assortiment hebben verschillende doelen. Kijk daarom eerst of je schapen of geiten wilt afzetten, pluimvee een plek wilt geven of een tuin wilt afscheiden. Daarna worden lengte, hoogte, mazen en paalpunten zinvolle verschillen.
| Toepassing | Concrete keuze | Verschil om op te letten |
|---|---|---|
| Schapen en geiten met stroom | Euro Netz 90 cm of Combi 90 cm | Combi heeft stijvere verbindingen in het net |
| Schapen en geiten met stroom | Excellent 90 cm | Dubbele punten in plaats van de enkele punten van de Euro Netz modellen |
| Pluimvee zonder stroom | Euro Netz Combi Pluimvee 112 cm | Voor pluimvee, zonder stroomdraden |
| Moestuin zonder stroom | Euro Netz Universeel of afscheidingsnet 80 cm | Mazen van 0,5 bij 0,5 cm of 2,5 bij 3 cm |
Veeg horizontaal of gebruik de pijltjestoetsen om alle kolommen te bekijken.
Schapen, geiten en een verplaatsbaar stuk wei
Voor schapen en geiten kun je Euro Netz schapennet 90 cm enkelpunt naast Euro Netz Combi schapennet 90 cm enkelpunt leggen. Beide zijn 50 meter lang en hebben palen met één punt. De Combi uitvoering heeft stijvere verbindingen in het net, bedoeld om doorhangen te beperken. Als je juist dubbele paalpunten wilt, is Excellent schapennet 90 cm dubbelpunt een derde mogelijkheid van 50 meter. Die drie opties maken de keuze concreet zonder dat je van diergroep of hoogte hoeft te wisselen.
Deze schapennetten zijn bedoeld voor elektrische afrastering. Een net met palen bevat nog geen complete stroomvoorziening: het apparaat en de aarding horen bij de verdere opstelling. Wil je binnen deze toepassing doorzoeken, bekijk dan Schapennetten. Noteer bij het combineren van meerdere netten ook hoeveel netten je aansluit; alleen het aantal meters vertelt niet hoe de hele opstelling eruitziet.
Pluimvee en een tuin zonder stroomdraden
Voor een afzetting voor pluimvee is Euro Netz Combi Pluimvee 112 cm dubbelpunt een andere keuze. Dit net is 50 meter lang en heeft geen elektrische draad. Het is daarmee geen stroomloos gebruik van een schapennet, maar een net dat als stroomloze pluimveeafscheiding is uitgevoerd. In Kippennetten kun je verder kijken naar de toepassing voor jouw kippen.
Wil je vooral een stuk moestuin afzetten, dan zijn Euro Netz Universeel net 80 cm en Euro Netz afscheidingsnet 80 cm twee stroomloze opties. Ze zijn beide 20 meter lang en 80 cm hoog. Het verschil zit in de mazen: bij het Universeel net zijn die 0,5 bij 0,5 cm, bij het afscheidingsnet 2,5 bij 3 cm. Kies de maaswijdte met de dieren en de plek in gedachten, zonder van een net een volledig afgesloten ren te verwachten.
De tuinmodellen worden omschreven als afscheiding om onder meer honden uit een moestuin te houden. Zoek je juist een afrastering voor je hond op een camping, dan is dat een andere koopvraag. Een verplaatsbaar tuinnet zegt op zichzelf niets over toestemming op de camping, een geschikte opstelling daar of het binnenhouden van jouw hond. Gebruik de tuinmodellen dus voor de beschreven tuinafscheiding en maak voor een andere plek opnieuw de afweging.
Bij Afrasteringsnetten kun je de toepassingen bij elkaar bekijken. Meet voor je bestelt de lijn die je werkelijk wilt afzetten, niet alleen de afmetingen van het terrein. Een pad, poort of hoek kan betekenen dat je route anders loopt dan een keurige rechthoek op papier.
Welke palen passen bij je rijen?
Bij losse linten en koorden bepalen de palen waar je rijen komen. Kijk daarom naar de hoogte boven de grond én naar de ogen voor jouw geleider. De totale lengte in een productnaam is niet gelijk aan de bruikbare hoogte: een deel gaat de grond in. Bij een net zijn de bijbehorende palen al onderdeel van het product; daar maak je deze losse palenkeuze niet op dezelfde manier.
Voor lint tot 40 mm kun je ZoneGuard instappaal 105 cm wit, ZoneGuard instappaal 150 cm wit en ZoneGuard stijgbeugelpaal 155 cm wit vergelijken. Hun hoogtes boven de grond zijn respectievelijk 87, 133 en 137 cm. Alle drie hebben vier ogen voor lint tot 40 mm. Kies dus niet de paal van 155 cm omdat de naam veel langer klinkt dan 150 cm: boven de grond scheelt het bij die twee slechts 4 cm.
Het verschil tussen de twee langere palen zit ook in de andere ogen. De paal van 150 cm heeft vijf ogen voor koord of draad en vijf voor lint tot 20 mm. De stijgbeugelpaal van 155 cm heeft acht ogen voor koord of draad en vier voor lint tot 20 mm. Als je verschillende soorten rijen wilt combineren, kan die indeling doorslaggevender zijn dan een paar centimeter hoogte.
Heb je al palen staan? Kijk dan waar de bestaande rijen lopen voordat je een nieuw model toevoegt. Het helpt weinig wanneer een nieuwe paal wel ogen voor 40 mm lint heeft, maar je de gewenste lijn op een andere hoogte wilt laten doorlopen. Maak voor elke rij een eenvoudige tekening met de positie van de doorgang en de plekken waar de route van richting verandert.
Instappalen zijn vooral een logische productsoort om te vergelijken voor een lijn die je wilt kunnen verplaatsen. Op hoeken en bij uiteinden trekt de geleider anders aan een paal dan midden in een recht stuk. Neem die punten apart mee in je ontwerp in plaats van elke positie hetzelfde te behandelen. In Weidepalen kun je palen vergelijken zodra je weet welke hoogte en welke ogen je zoekt.
Heb je een net gekozen, controleer dan eerst wat er al bij zit voordat je extra palen koopt. Bij losse rijen is het omgekeerd: een rol geleider vertelt je nog niets over het benodigde aantal palen. Dat aantal volgt uit je route, de gekozen opstelling en de plekken die extra aandacht vragen.
Hoe kies je stroom voor een elektrische afrastering?
Voor schapennetten met stroomdraden en voor elektrische rijen heb je een passend schrikdraadapparaat nodig. Begin bij de voeding die op jouw plek bruikbaar is. Staat er geen stopcontact bij de wei, dan kun je een apparaat met een losse batterij of een uitvoering met zonnepaneel vergelijken. Maak die keuze voor de volledige opstelling, niet alleen voor het eerste rechte stuk.
| Apparaat | Voeding | Praktisch verschil |
|---|---|---|
| ZoneGuard Battery Pro 10 km | Losse 9 volt alkalinebatterij | Batterij apart aanschaffen en vervangen |
| ZoneGuard Solar Pro 6 km | Zonnepaneel met mogelijkheid tot bijladen | Solar uitvoering met opgegeven bereik van 6 km |
| ZoneGuard Solar Pro 20 km | Zonnepaneel met mogelijkheid tot bijladen | Solar uitvoering met opgegeven bereik van 20 km |
Veeg horizontaal of gebruik de pijltjestoetsen om alle kolommen te bekijken.
ZoneGuard Battery Energizer Pro 10 km gebruikt een apart aan te schaffen 9 volt alkalinebatterij. Dat is een optie als je met een verwisselbare batterij wilt werken. ZoneGuard Solar Energizer Pro 6 km heeft een zonnepaneel en een meegeleverde adapter voor extra laden. Zoek je binnen diezelfde manier van voeden een uitvoering met een hoger opgegeven bereik, vergelijk dan ZoneGuard Solar Energizer Pro 20 km. Het verschil in de kilometeraanduiding is geen belofte voor iedere wei van die lengte.
Beide genoemde solar uitvoeringen hebben volgens de productomschrijving een indicatielampje voor een lage lading en kunnen met de adapter worden geladen. Zo kun je batterij en solar vergelijken op het gebruik dat bij je past: een losse batterij vervangen of een ingebouwd systeem met zonnepaneel en mogelijkheid tot bijladen volgen. Voor de keuze van het apparaat zelf tellen ook de geleider, het aantal rijen of netten en de omstandigheden langs de lijn mee.
Aarding hoort bij een elektrische opstelling. Hoeveel en welke onderdelen daarvoor nodig zijn, verschilt per systeem; een meegeleverde aardkabel is niet hetzelfde als een volledige aarding. Maak dus ruimte op je boodschappenlijst voor de voeding, aansluiting en aarding die bij het gekozen apparaat horen. In Schrikdraadapparaten kun je verder vergelijken. Voor een losse batterij of andere voeding kijk je bij Batterijen en stroomvoorziening.
Heb je al een apparaat en wil je een tweede stuk wei afzetten? Beschouw dan de oude en de nieuwe lijn samen. Schrijf op hoeveel rijen je toevoegt, welke geleider je gebruikt en of er netten bijkomen. Een net van 50 meter heeft meerdere draden; het is een andere uitbreiding dan één losse rij van 50 meter. Na het uitbreiden helpt een controle langs de hele lijn je te zien hoe de afrastering in gebruik functioneert.
Isolatoren en doorgangen passend combineren
Een isolator houdt een elektrische geleider op zijn plaats bij een paal. Kies hem eerst op de geleider: een brede strook lint vraagt een andere bevestiging dan rond koord. Kijk daarna naar de paal waaraan hij moet komen. Zo voorkom je dat je wel genoeg stuks koopt, maar ze op de bedoelde plek niet kunt gebruiken. Vooral hoeken en uiteinden verdienen een eigen plaats op je lijst.
Voor lint tot 40 mm zijn ZoneGuard Basic lintisolator 40 mm en ZoneGuard Click lintisolator 40 mm twee opties. Basic wordt per tien stuks geleverd. Click wordt per 25 stuks geleverd en heeft een kliksysteem waarmee het lint wordt vastgezet. Kies op die manier van vasthouden en op de hoeveelheid die je nodig hebt; een grotere verpakking is alleen handig als de uitvoering bij je palen en plan past.
De doorgang is een aparte keuze. Gebruik je bestaand lint en stel je de opening met losse onderdelen samen, dan kun je ZoneGuard lintpoortgreep 40 mm bekijken. Voor een opening die vaak open en dicht gaat, is de ZoneGuard oprolbare poortgreepset 6 m een andere optie. Bij deze set hoort een oprolbare band van 40 mm, samen met bevestigingsmateriaal en een aansluitkabel. De losse greep en de set lossen dus niet precies dezelfde boodschappenlijst op.
Meet de opening tussen de beoogde bevestigingspunten. Denk ook aan wat er doorheen moet: alleen jij, of bijvoorbeeld een kruiwagen? Bij meerdere rijen bepaal je per rij hoe de toegang wordt uitgevoerd. Een poortgreep is geen vervanging voor de hele lijn, en een lintisolator vervangt het lint evenmin. In Poortgrepen en doorgangen kun je de toegang verder uitwerken; voor passende verbindingen en andere aanvullingen kijk je bij Onderdelen en accessoires.
Controleer bij het combineren van onderdelen ook waar de lijn doorloopt na de doorgang. De keuze voor een greep gaat over openen; de keuze voor verbindingen gaat over het aansluiten van delen van de afrastering. Door die als twee vragen te behandelen, vergeet je minder snel een onderdeel wanneer je een bestaande lijn verlengt.
Hoeveel afrasteringsmateriaal heb je nodig?
Meet eerst de route en teken elke rij of elk net apart in. Noteer de lengtes van rechte stukken, hoeken en doorgangen. Daarna kun je rekenen: de lengte van een losse lijn vermenigvuldig je met het aantal rijen van hetzelfde materiaal. Tel lint en koord niet bij elkaar op alsof het één rolsoort is. Voor netten reken je met de lengte van de route die het net moet volgen.
Rekenvoorbeeld voor losse rijen
Stel, je maakt twee rijen van hetzelfde lint langs een traject van 120 meter. Dan heb je als basis 2 × 120 = 240 meter lint nodig. Reken je in dit voorbeeld 20 meter extra voor de stukken die je zelf nog wilt laten aansluiten en als reserve wilt houden, dan wordt het 260 meter. Bij een rol van 200 meter zijn dat twee rollen van het gekozen lint. Van de gezamenlijke 400 meter blijft in dit voorbeeld 140 meter over.
Die 20 meter is een keuze voor het voorbeeld, geen vaste opslag voor elke afrastering. Heb je één rij lint en één rij koord langs hetzelfde traject, dan koop je niet simpelweg twee willekeurige rollen. Je berekent 120 meter lint en 120 meter koord afzonderlijk, voegt per soort toe wat je werkelijk voor jouw plan wilt meenemen en vergelijkt daarna de rollengtes. Eén rol lint van 200 meter en één rol koord van 200 meter zouden voor deze basislengtes elk voldoende meters bevatten.
Een net volgt de omtrek, niet de oppervlakte
Een rechthoek van 15 bij 10 meter heeft een omtrek van 50 meter. Eén net van 50 meter komt op papier precies overeen met die lijn. Bij een route van 70 meter heb je van dezelfde netuitvoering twee netten van 50 meter nodig. Samen leveren ze 100 meter lijn, waarvan 30 meter buiten de gemeten route valt. Kijk bij je eigen plan ook waar de opening komt en hoe de netten op elkaar aansluiten.
De oppervlakte van die rechthoek is 150 vierkante meter, maar dat getal helpt je niet om de benodigde netlengte te bestellen. Loop daarom het beoogde verloop buiten na. Een bocht om een boom of een andere plek voor de ingang verandert de gemeten lijn. Heb je voor één deel een stroomloos tuinnet en voor een ander deel een elektrisch schapennet in gedachten, reken die dan als twee afzonderlijke productsoorten.
Palen en bevestigingen apart tellen
Maak vervolgens een lijst van paalposities. Een recht stuk met tien tussenruimtes heeft elf posities, inclusief beide uiteinden. Als die twee eindpalen al bruikbaar aanwezig zijn, blijven er negen nieuwe posities over. De afstand tussen palen kies je voor de betreffende opstelling; uit dit telvoorbeeld volgt geen algemene paalafstand.
Tel bij losse rijen ook de bevestigingen per paal en per geleider. Twintig paalposities waar twee linten langs lopen, geven op papier veertig lintbevestigingen. Als al die posities de gekozen Basic lintisolator vragen, zijn dat vier verpakkingen van tien. Voor de Click uitvoering van 25 stuks zijn twee verpakkingen nodig en houd je er tien over. Dit is een verpakkingsberekening, geen advies om dezelfde bevestiging op iedere hoek en elk eindpunt te zetten.
Zet hoeken, uiteinden en de doorgang daarom op aparte regels. Voor een net controleer je eerst welke palen zijn inbegrepen. Zo blijft je bestelling leesbaar: meters per geleider, aantallen per netuitvoering, paalposities, bevestigingen en toegang. Je kunt dan gericht aanpassen als de route na het nameten toch vijf meter langer blijkt.
Een bestaande afrastering controleren en gericht herstellen
Merk je dat een elektrische lijn minder goed werkt, loop dan eerst rustig na wat er veranderd is. Een doorgang wordt vaak gebruikt, gras groeit tegen een geleider aan en na wind kan er iets tegen de lijn liggen. Kijk ook naar zichtbare beschadigingen en losse verbindingen. Daarmee kun je beter bepalen of je een onderdeel nodig hebt of dat de oorzaak ergens anders langs het traject zit.
Een praktische controleronde:
- Kijk of het apparaat voeding heeft en in gebruik is.
- Loop de route langs en let op begroeiing of voorwerpen tegen de lijn.
- Bekijk vooral doorgangen, verbindingen en beschadigde palen of isolatoren.
- Meet op meer dan één plek, zodat je een verschil langs de lijn kunt opmerken.
- Schakel de installatie uit voordat je een beschadigd onderdeel herstelt en controleer na het herstel opnieuw.
Voor de meting zijn er twee verschillende testers. De Gobel afrasteringstester zonder grondpiek meet dicht bij de afrastering zonder grondpen en gebruikt een meegeleverde blokbatterij. De ZoneGuard Multilight afrasteringstester gebruikt een haak en grondpunt en heeft geen batterij nodig. Beide tonen spanningsniveaus. Kies de eerste als je liever zonder grondpiek meet; kies de tweede als je een tester zonder batterij wilt.
Een meting is vooral bruikbaar wanneer je weet waar je hem doet. Vergelijk bijvoorbeeld een punt dichter bij het apparaat met een punt verderop na een doorgang. Zo wordt duidelijker welk deel aandacht vraagt. Ook na het verplaatsen van een lijn of na flinke wind is een controleronde zinvol. Bij Schrikdraadtesters kun je de uitvoeringen verder bekijken.
Heb je een beschadigde bevestiging gevonden, neem dan de oude geleider en paalsoort als uitgangspunt voor de vervanging. Is het lint zelf op die plek ook beschadigd, bekijk dan het hele stuk in plaats van alleen de isolator. Bij een stroomloos net controleer je juist of de afscheiding nog staat zoals bedoeld en of de verbinding tussen eventuele netdelen nog klopt. Daar helpt een spanningsmeting je niet verder.
Van keuze naar een bruikbare boodschappenlijst
Je hoeft niet voor elke klus dezelfde verzameling afrastering benodigdheden te kopen. Voor een nieuwe elektrische lijn begin je met de geleider of geschikte netten, de palen en de toegang. Daarna voeg je de passende bevestigingen, verbindingen, voeding en aarding toe. Bij een reparatie begin je juist bij het beschadigde deel en wat daarop moet aansluiten.
Leg bij een nieuwe opstelling je lijst in groepen klaar. Dat maakt ontbrekende onderdelen sneller zichtbaar: de lijn zelf, wat de lijn draagt, de plekken waar je binnenkomt en de onderdelen voor stroom en controle. Gebruik je twee soorten geleider, houd de rollen en bevestigingen per soort bij elkaar. Je ziet dan meteen of je voor een koordrij niet per ongeluk alleen lintisolatoren hebt geteld.
Bij een stroomloze tuinafscheiding of een stroomloos pluimveenet vervallen apparaat en elektrische aansluiting. Dan tellen vooral de juiste netuitvoering, de gemeten route en een bruikbare toegang. Een net voor de moestuin kies je voor een andere taak dan een elektrisch schapennet voor de wei, ook als beide in een verplaatsbare opstelling worden gebruikt.
Bewaar na het plaatsen de naam van de gekozen uitvoeringen bij je schets. Schrijf op welke rol bij welke rij hoort, waar je netdelen samenkomen en welke bevestigingen je hebt gebruikt. Als je later een stuk wilt uitbreiden of herstellen, kun je direct dezelfde maten vergelijken. Loop de afrastering daarna geregeld na, zeker als de begroeiing verandert of de doorgang vaak gebruikt wordt.
Twijfel je tussen twee aankopen, stel dan één vraag: welk verschil merk je in jouw opstelling? Bij lint kan dat de weerstand zijn, bij een tuinnet de maaswijdte, bij een paal de bruikbare hoogte en bij een poort de manier van openen. Met die keuze op zak kun je de overige onderdelen veel eenvoudiger passend bij elkaar zoeken.
Veelgestelde vragen
Kan ik een stroomloos tuinnet op een schrikdraadapparaat aansluiten?
Nee. De genoemde stroomloze tuin en pluimveenetten hebben geen elektrische draad. Kies voor een elektrische opstelling een net dat daarvoor bedoeld is.
Is de lengte van een paal gelijk aan de hoogte van mijn afrastering?
Nee. Een deel van een instappaal gaat de grond in. Vergelijk de hoogte boven de grond en de plaats van de ogen voor je geleider.
Hoe reken ik met twee rijen van dezelfde geleider?
Vermenigvuldig de gemeten trajectlengte met twee. Bereken lint en koord afzonderlijk als je verschillende rijen gebruikt.
Heb ik bij een schapennet nog een apparaat nodig?
Voor gebruik als elektrische afrastering wel. Neem ook de bij het gekozen systeem passende voeding, aansluiting en aarding mee.
Wanneer is een oprolbare poort handig?
Bij een doorgang die je vaak opent, kan een oprolbare set prettig zijn. Meet eerst de opening; de genoemde set heeft een band van 6 meter.