Legvoer voor legkippen kiezen en de voeropname beoordelen
Praktische gids
Legvoer voor legkippen kiezen en de voeropname beoordelen
Kies voor leggende hennen een voer waarvan het etiket de juiste diercategorie en het bedoelde gebruik aangeeft. Controleer eerst of het een volledig diervoeder is of een aanvulling die met ander voer moet worden gecombineerd. Kijk vervolgens of alle kippen bij het voer en vers drinkwater kunnen. Wat je in de bak doet, is niet automatisch wat iedere hen eet. Het LICG onderscheidt voer voor jonge en leggende hennen.

Inhoudsopgave
- Producten bij deze gids
- Compleet legvoer, concentraat en premix: de verschillen
- Legvoer beoordelen op levensfase, etiket en werkelijke opname
- Calcium en mineralen bij schaalproblemen: wanneer advies nodig is
- Minder eieren: voer, opname, water en veranderingen controleren
- Zelf voer mengen: welke gegevens heeft een voedingsdeskundige nodig?
- Voerplek controleren: voerbak en ongeschikt voedsel
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Voeropname beter bekijken

Voertrog voor Pluimvee met 18 Vakken, 30 cm – Gaun
In deze voertrog voor pluimvee kun je voer over 18 vakken verdelen en tijdens het eten zien wat er nog ligt.
Let op bij je keuze Controleer of de lengte van 30 cm voldoende bereikbare voerplekken biedt voor jouw toom.
Drinkwater controleren

Drinktoren voor Kippen van Doorzichtig Kunststof Limoengroen 5 l – Gaun
Door het doorzichtige reservoir van deze drinktoren voor kippen zie je tijdens je dagelijkse ronde wanneer bijvullen nodig is.
Let op bij je keuze Zet de drinktoren bereikbaar neer en ververs het water regelmatig.
In het kort: lees de productaanduiding en gebruiksaanwijzing, noteer wat je aanbiedt en wat overblijft, en bespreek twijfel over het totale voer met een pluimveevoedingsdeskundige.
Compleet legvoer, concentraat en premix: de verschillen
Op Nederlandse etiketten is het onderscheid tussen volledig diervoeder en aanvullend diervoeder belangrijk. Volgens de NVWA is een volledig diervoeder door zijn samenstelling toereikend als dagrantsoen. Een aanvullend diervoeder is dat alleen samen met ander voer. Een naam als ‘concentraat’ vertelt je op zichzelf niet hoe je een product moet gebruiken.
| Op of bij het product | Wat betekent dat voor je keuze? |
|---|---|
| Volledig diervoeder voor leggende kippen | Controleer of de bestemming op het etiket bij je hennen past en volg de gebruiksaanwijzing. |
| Aanvullend diervoeder, mogelijk verkocht als concentraat | Lees met welk ander voer het gecombineerd moet worden. Laat bij twijfel de combinatie beoordelen. |
| Voormengsel, soms premix genoemd | Niet rechtstreeks aan kippen voeren. Controleer de aanduiding van het product, niet alleen de naam op de voorkant. |
Een voormengsel bevat toevoegingsmiddelen, eventueel met een drager, en is niet bestemd voor rechtstreekse vervoedering. De NVWA legt de aanduiding ‘voormengsel’ uit. Zie je het woord premix tussen de ingrediënten van een zak voer? Kijk dan naar de productaanduiding van de hele zak voordat je conclusies trekt.
Legvoer beoordelen op levensfase, etiket en werkelijke opname
Schrijf eerst op welke dieren samen eten: jonge hennen, leggende hennen of een gemengde groep. Het LICG beschrijft afzonderlijk voer voor kuikens, jonge hennen en hennen die leggen. Bij een gemengde groep is één keuze voor alle dieren niet vanzelfsprekend; leg de samenstelling van de groep voor aan een voeradviseur.
De NVWA noemt de gegevens die op een etiket van mengvoer horen, waaronder de voersoort, diersoort, gebruiksaanwijzing, samenstelling, analytische bestanddelen, partij en minimumhoudbaarheid. Gebruik ze om gerichte vragen te stellen:
| Noteer | Waarom? |
|---|---|
| Voersoort en bestemming | Is het voer volledig of aanvullend, en voor welke dieren is het bedoeld? |
| Gebruiksaanwijzing | Moet je het met ander voer combineren? |
| Samenstelling en analytische bestanddelen | Welke ingrediënten en gehalten vermeldt de fabrikant? |
| Overige voeders en aanvullingen | Wat krijgen de kippen daarnaast nog? |
| Partij en minimumhoudbaarheid | Welke verpakking gebruikte je toen je een verandering opmerkte? |
Observeer daarna enkele voermomenten. Noteer wat je voor de toom aanbiedt, wat je terugvindt en hoeveel voer zichtbaar onder of naast de bak ligt. Kijk ook of andere dieren mee eten en of iedere kip toegang krijgt. Een lege bak bewijst niet dat iedere hen voldoende basisvoer heeft gegeten. Met deze waarnemingen maak je hooguit een schatting voor de groep, geen meting per kip. Het LICG adviseert erop te letten dat kippen naast extra’s voldoende basisvoer blijven eten.
Calcium en mineralen bij schaalproblemen: wanneer advies nodig is
Calcium is nodig voor de vorming van de eierschaal. Toch bewijst een dunne of afwijkende schaal geen calciumtekort. Ook de opname van het totale voer en de beschikbaarheid van andere voedingsstoffen zijn van belang; Merck Veterinary Manual beschrijft bijvoorbeeld de rol van vitamine D bij calcium en fosfor. Een ziekte kan eveneens samengaan met afwijkende eierschalen.
Noteer of het om één ei of een terugkerende verandering gaat, wat de hennen eten en of hun gedrag of eetlust verandert. Bespreek terugkerende schaalproblemen met een dierenarts. Een pluimveevoedingsdeskundige kan daarnaast het basisvoer en de aanvullingen samen beoordelen. Voeg niet uitsluitend op grond van de schaal op eigen houtje meer mineralen toe.
Minder eieren: voer, opname, water en veranderingen controleren
Minder eieren zijn niet automatisch een voerprobleem. Het LICG beschrijft bijvoorbeeld dat hennen tijdens de rui doorgaans niet leggen en dat vers drinkwater beschikbaar moet zijn. Gebruik deze korte controle om feiten te verzamelen, niet om zelf een oorzaak vast te stellen:
- Voer: was het bedoelde voer beschikbaar en konden alle hennen erbij?
- Opname: wat bood je aan, wat bleef over en waar zag je morsvoer? Welke extra’s aten de kippen?
- Water: waren de drinkplekken gevuld, schoon en bereikbaar?
- Veranderingen: sinds wanneer vind je minder eieren? Veranderde er iets aan voer, toom, verblijf of routine?
Neem je aantekeningen mee naar een deskundige als de daling aanhoudt of onverklaard blijft. Ogen kippen ziek of eten ze duidelijk minder, neem dan contact op met een dierenarts. Deze voercheck vervangt geen beoordeling van andere oorzaken.
Zelf voer mengen: welke gegevens heeft een voedingsdeskundige nodig?
Een mengsel van graan, aanvullend voer en losse ingrediënten is niet automatisch een volledig rantsoen. Juist bij aanvullend diervoeder telt de combinatie met ander voer. Vraag een pluimveevoedingsdeskundige daarom het geheel te beoordelen, niet alleen één ingrediënt.
Verzamel de etiketten en gebruiksaanwijzingen, de herkomst en eventuele analyses van losse grondstoffen, de hoeveelheden die je aanbiedt en wat overblijft. Vertel welke kippen mee eten, welke leggen, welke extra’s ze krijgen en wat je aan eieren, eetgedrag en watergebruik opmerkt. Ontbreken gegevens over samenstelling of opname, dan kan ook een deskundige de geschiktheid van het mengsel niet goed beoordelen.
Voerplek controleren: voerbak en ongeschikt voedsel
Kijk tijdens het eten of iedere kip de voerbak kan bereiken, of het voer droog en schoon blijft en waar morsvoer terechtkomt. Controleer de drinkplek afzonderlijk. De keuze van een voerbak staat los van de vraag of de inhoud geschikt is: een nette bak maakt aanvullend voer niet tot volledig legvoer.
Gebruik traktaties niet als vervanging van basisvoer en haal resten die blijven liggen weg. Het LICG wijst op voldoende basisvoer naast traktaties en op het verwijderen van voerresten. Of een bepaald voedingsmiddel geschikt is, vraagt een afzonderlijke controle.