Île de France schaap: raseigenschappen en verzorging
Rassenwijzer
Île de France schaap: raseigenschappen en verzorging
Het Île de France schaap is een Frans vleesras met een witte wolvacht en een brede bouw. Het kan interessant zijn voor een kudde of een fokplan, maar kies niet op de rasnaam alleen. Kijk of je de verzorging kunt organiseren en beoordeel de conditie en herkomst van het dier dat je wilt houden. Bekijk de rasgegevens van de Franse fokorganisatie OSON.

Frankrijk, met selectie nabij Parijs
Vleesproductie en eigenschappen van de ooi
Witte wolvacht en brede, diepe romp
Volgens de Franse fokorganisatie: rammen 110 tot 150 kilogram; ooien 70 tot 90 kilogram
Inhoudsopgave
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Een veilige weideafrastering

Schrikkoord 6 mm Zwart en Wit met 9 Geleiders, 200 m – ZoneGuard Plus
Dit schrikkoord is bedoeld voor afrasteringen voor schapen en kan worden gebruikt om de weide voor je kudde af te bakenen.
Let op bij je keuze Controleer of 200 meter koord past bij de lengte en opzet van je afrastering.
Gereedschap voor klauwverzorging

Schapenpootmesje haringkaak classic, 16,5 cm
Met dit schapenpootmesje kun je gericht per klauw werken wanneer klauwverzorging nodig is.
Let op bij je keuze Laat je het gebruik uitleggen als je nog geen ervaring hebt met het verzorgen van klauwen.
Een scheermachine voor schapen

Schapenscheermachine met 2 Accu's, Ook voor Runderen – Clipster FarmClipper Akku2
Deze scheermachine werkt op accu, zodat er tijdens het scheren geen snoer langs het schaap loopt.
Let op bij je keuze Laat het scheren aan een ervaren scheerder over als je het zelf niet beheerst.
Rasnaam, herkomst en officiële rasgegevens
OSON schrijft de rasnaam als Ile de France. In het Nederlands zie je ook Île de France. Volgens de Franse fokorganisatie begon de selectie rond 1840 bij Parijs, uit kruisingen van Mérinos de Rambouillet met de Engelse Dishley. Het ras kreeg zijn definitieve naam in 1922. Lees de herkomstbeschrijving van OSON.
| Onderwerp | Rasgegeven |
|---|---|
| Herkomst | Frankrijk, met selectie nabij Parijs |
| Fokrichting | Vleesproductie en eigenschappen van de ooi |
| Uiterlijk | Witte wolvacht en brede, diepe romp |
| Gewicht volwassen dieren | Volgens de Franse fokorganisatie: rammen 110 tot 150 kilogram; ooien 70 tot 90 kilogram |
Die gewichten beschrijven het ras in de Franse fokkerij. Ze zijn geen streefgewicht voor een schaap van een bepaalde leeftijd en vertellen niet of het dier voor je in goede conditie is. Bekijk de Franse rasgegevens.
Lichaamsbouw en vachtkenmerken van het ras
De Duitse fokkersvereniging VDL beschrijft een brede, diepe romp, een brede rug en een goed ontwikkelde achterhand. Volgens dit Duitse rasportret hebben de dieren een witte kop en witte benen, een wolpluk op het voorhoofd en doorgaans geen hoorns. Dit is een beschrijving uit Duitsland, geen Nederlandse rasstandaard. OSON beschrijft de wol als fijn en de vacht als dicht. Bekijk het Duitse rasportret en de Franse beschrijving van de wol.
Een wolpluk of witte vacht bewijst de afstamming niet. De Stichting Zeldzame Huisdierrassen beschrijft bijvoorbeeld ook een witte vacht en een wolpluk bij de Flevolander, een ander schapenras. Gebruik het uiterlijk dus om vragen te stellen, niet om zonder documenten een ras vast te stellen. Bekijk de beschrijving van de Flevolander.
Fokdoelen en praktische eigenschappen
In het Franse fokprogramma tellen vleesbouw en groei mee, naast eigenschappen van de ooi voor het grootbrengen van lammeren. OSON vermeldt ook gebruik van rammen voor kruisingen. Dat zijn fokdoelen en toepassingen van het ras, geen voorspelling voor een afzonderlijke ram, ooi of lam. Vraag bij een fokdier welke afstammingsgegevens en eventuele gegevens over dat dier beschikbaar zijn. Lees over de fokrichting bij OSON.
OSON beschrijft bovendien mogelijkheden om de lammerperiode over het jaar te spreiden. Maak daarvan geen verwachting dat iedere ooi op een gekozen moment drachtig wordt. Wil je fokken, bedenk dan eerst wanneer je tijd, geschikte ruimte en ervaren hulp rond het lammeren beschikbaar hebt. Wil je niet fokken, dan zijn de dagelijkse verzorging en het functioneren van een dier in jouw kudde belangrijker dan deze fokeigenschap.
Voer, water, huisvesting, klauwen en vachtverzorging
Een Île de France schaap vraagt de gewone zorg voor een wolschapenras, niet een voerschema op basis van zijn rasnaam. Schapen zijn kuddedieren en eten ruwvoer zoals gras en hooi. Ze moeten steeds vers drinkwater kunnen bereiken. Of aanvullend voer nodig is, hangt onder meer samen met de levensfase en conditie van het dier. Lees de verzorgingsinformatie van het LICG.
| Onderdeel | Controlepunt |
|---|---|
| Voer en water | Hebben de dieren passend ruwvoer en voortdurend toegang tot vers drinkwater? Kun je de conditie per dier volgen? |
| Weide en beschutting | Is er plaats voor de groep, een veilige afrastering en beschutting bij hitte en kou? |
| Klauwen | Bewegen de dieren goed en zijn de klauwen vrij van opvallende doorgroei of beschadiging? |
| Vacht | Kun je het achterlijf en de huid blijven controleren en is een scheerbeurt geregeld? |
Het LICG adviseert controle van conditie en klauwen. Een volle vacht kan gewichtsverlies aan het oog onttrekken; beoordeel de conditie daarom ook door het dier te voelen. Regel voor de scheerbeurt een ervaren scheerder als je dat werk niet beheerst. Een pas geschoren schaap heeft beschutting nodig tegen kou en felle zon. In Nederland moet je schapen beschermen tegen extreme weersomstandigheden. Lees het verzorgingsadvies van het LICG en de welzijnsinformatie van de NVWA.
Let bij de dagelijkse controle ook op afzondering van de groep, plotselinge sloomheid, kreupelheid en een vervuild achterlijf. Vermoed je dat een schaap ziek is, neem dan contact op met een dierenarts. Bekijk de gezondheidssignalen bij het LICG.
Herkomst, conditie en documenten bij het kiezen van een schaap
Ga bij de verkoper niet alleen af op een mooi zijaanzicht. Kijk hoe het schaap tussen soortgenoten beweegt, bespreek de verzorgingsgeschiedenis en controleer de klauwen en het achterlijf. Vraag of je de lichaamsconditie onder de wol kunt beoordelen. Past het dier bij een bestaande kudde, of moet je eerst ruimte en verzorging voor meerdere schapen organiseren? Lees waarop het LICG bij schapenhouden wijst.
Zoek je specifiek een fokdier, vraag dan naar controleerbare afstammingsinformatie die bij het identificatienummer van dit dier hoort. Een schaap dat uiterlijk op het rastype lijkt, heeft daarmee nog geen aangetoonde afstamming. De Franse organisatie OSON houdt voor haar rassen genealogische gegevens bij; vraag bij een aankoop in Nederland welke fokorganisatie en documenten voor het aangeboden dier van toepassing zijn. Lees over de taken van OSON.
Voor het houden van schapen in Nederland heb je ook als hobbyhouder een UBN voor de locatie nodig. Controleer vóór vervoer de identificatie van het dier en het vervoersdocument: een schaap moet twee goedgekeurde identificatiemiddelen hebben, waarvan minimaal één elektronisch. Meld de aanvoer binnen zeven kalenderdagen in het identificatie en registratiesysteem en houd een bedrijfsregister bij. Een afstammingsbewijs vervangt deze verplichtingen niet. Bekijk de UBN regels, de identificatieregels en de regels voor vervoer en meldingen bij RVO.