Schapen

Kameroenschaap: kenmerken en wat het houden vraagt

Rassenwijzer

Kameroenschaap: kenmerken en wat het houden vraagt

Kort antwoord: het kameroenschaap uit de Duitse rasbeschrijving is een haarschaap dat zijn winterondervacht in het voorjaar verliest. Dat scheelt doorgaans scheerwerk, maar niet de zorg voor een groep schapen. Vraag vóór aanschaf naar de herkomst en volwassen grootte van de dieren, en kijk zelf naar hun vacht en hoorns.

Type en gebruik

Haarschaap; vlees als gebruiksdoel

Volwassen ooi

35 tot 50 kg; schofthoogte 58 tot 65 cm

Volwassen ram

45 tot 60 kg; schofthoogte 60 tot 70 cm

Vacht en hoorns

Haarvacht met winterondervacht; ooien hoornloos, rammen met sikkelvormige hoorns

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Ras, type en namen: wat wordt met kameroenschaap bedoeld?
  3. Formaat, gebruiksdoel en verschillen tussen dieren
  4. Haarvacht, hoorns en aandachtspunten voor de kudde
  5. Groep, verblijf en dagelijkse verzorging
  6. Voer, water en uitrusting op maat van het dier
  7. Past een kameroenschaap bij jouw ruimte en beschikbare tijd?
  8. Veelgestelde vragen over kameroenschapen

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Voer netjes bewaren

Voerton met Deksel en Slot, 40 l – Vplast

Voerton met Deksel en Slot, 40 l – Vplast

Deze voerton biedt 40 liter opslagruimte en heeft een afsluitbaar deksel dat ongewenste dieren bij het voer vandaan helpt houden.

Let op bij je keuze Ga na of de ton past bij de hoeveelheid voer die je daadwerkelijk wilt bewaren.

Ras, type en namen: wat wordt met kameroenschaap bedoeld?

De Duitse schapenfokkerijorganisatie VDL beschrijft Kamerunschaf als een ras van West Afrikaanse herkomst. Elders wordt de naam Cameroon sheep ook gebruikt voor Djallonké. De FAO beschrijft Djallonké als een groep haarschapen met onder meer een kleiner bostype en een groter savannetype; het Djallonké stamboek ISDGS noemt Cameroon sheep een van de gebruikte namen. Die buitenlandse omschrijvingen maken van een in Nederland aangeboden dier niet automatisch een dier uit een bepaald stamboek.

Wil je de afstamming weten? Vraag de aanbieder welke populatie wordt bedoeld en of er gegevens van het dier en zijn ouders zijn. Kleur, hoorns en een verkoopnaam zijn op zichzelf geen bewijs van registratie.

Formaat, gebruiksdoel en verschillen tussen dieren

Deze feitenkaart geeft de kenmerken uit de Duitse VDL rasbeschrijving weer. De maten beschrijven die fokrichting, niet ieder schaap dat kameroenschaap wordt genoemd en ook geen Nederlandse rasstandaard.

Feitenkaart: Kamerunschaf volgens de Duitse VDL
Kenmerk Rasbeschrijving Controleer bij jouw dier
Type en gebruik Haarschaap; vlees als gebruiksdoel Herkomst en eventuele registratie
Volwassen ooi 35 tot 50 kg; schofthoogte 58 tot 65 cm Leeftijd, lichaamsbouw en grootte van de ouderdieren
Volwassen ram 45 tot 60 kg; schofthoogte 60 tot 70 cm Werkelijk formaat en ruimte om hem veilig te hanteren
Vacht en hoorns Haarvacht met winterondervacht; ooien hoornloos, rammen met sikkelvormige hoorns Vachtwisseling en hoorns van ieder afzonderlijk dier

Een naam kan dus een ander formaat oproepen dan je verwacht. De FAO noemt voor Afrikaanse Djallonké bostypen een schofthoogte van 40 tot 55 cm en voor savannetypen gemiddeld 55 tot 65 cm. Dat zijn beschrijvingen van andere populaties, geen extra maten voor het Duitse ras en geen voorspelling voor een Nederlands koopdier. Vraag naar de ouderdieren en beoordeel het schaap dat je daadwerkelijk wilt houden.

Haarvacht, hoorns en aandachtspunten voor de kudde

Bij het door de VDL beschreven Kamerunschaf komt in de winter onderhaar bij de haarvacht; dat wordt in het voorjaar afgestoten. Het LICG onderscheidt schapen die hun wintervacht zelf verliezen van schapen die geschoren moeten worden. Kijk tijdens de rui of de vacht van jouw dieren goed loslaat en of huid en achterhand schoon blijven.

Hoorns zijn een reden om voerplekken en doorgangen per dier te bekijken: kan het schaap er gemakkelijk in én weer uit? Let daarnaast op het lopen en de klauwen. Volgens het LICG moeten schapenklauwen regelmatig worden gecontroleerd; laat veilig bekappen voordoen als je het nog niet beheerst. Wordt een schaap plotseling sloom, zondert het zich af of zie je een vervuilde achterhand of onverklaard gewichtsverlies, neem dan contact op met een dierenarts.

Wil je geen lammeren, maak dan vóór aankoop een plan voor de groepssamenstelling en het zo nodig gescheiden houden van rammen en ooien. De VDL beschrijft bij haar Kamerunschaf geen strikt seizoensgebonden bronst; ga dus niet op een verondersteld veilig seizoen af.

Groep, verblijf en dagelijkse verzorging

Schapen zijn groepsdieren en horen volgens het LICG bij soortgenoten. Regel een weide, dagelijks bereikbaar vers water en een verzorgingsronde waarbij je elk dier kunt bekijken. Schaduw en beschutting blijven nodig, ook voor een haarschaap. De NVWA noemt een geschikte weide, bescherming tegen bijvoorbeeld roofdieren en bescherming tegen extreme hitte en kou; de welzijnsregels gelden ook voor hobbyhouders.

Wat kijk je dagelijks na?

  • Tel de schapen en kijk of ieder dier meeloopt en eet.
  • Controleer water, voerplek, schaduw en beschutting.
  • Kijk naar het gangwerk, de vacht, de achterhand en opvallende veranderingen in conditie of gedrag.
  • Loop omheining en doorgangen na op plekken waar een schaap kan ontsnappen of vast kan raken.

In Nederland heb je voor een locatie waar je schapen houdt ook als hobbyhouder een UBN nodig. Volgens RVO heeft een schaap twee goedgekeurde identificatiemiddelen nodig, waarvan minstens één elektronisch is. RVO legt ook de meldingen en het bedrijfsregister uit. Controleer die stappen voordat je dieren laat komen.

Voer, water en uitrusting op maat van het dier

Gras en hooi zijn ruwvoer voor schapen; vers drinkwater moet steeds beschikbaar zijn. Aanvullend voer beoordeel je op basis van het dier en zijn situatie, niet op basis van de rasnaam. Kies niet automatisch geitenvoer: het LICG waarschuwt dat dit voor sommige schapenrassen ongeschikt kan zijn. Vraag bij twijfel over conditie of voer aan een dierenarts of deskundige schapenhouder om advies.

Praktische controle van voorzieningen
Voorziening Vraag vóór aankoop of aanschaf van materiaal
Voerplek Kunnen alle dieren erbij, ook het kleinste dier of een dier met hoorns, zonder klem te raken?
Drinkplek Is schoon water voor ieder schaap bereikbaar en is de plek eenvoudig schoon te houden?
Omheining en doorgang Passen de openingen bij de werkelijke dieren, en kun je ze veilig controleren en hanteren?
Verzorgingsmateriaal Is het hulpmiddel volgens de productinformatie bedoeld voor schapen en weet je hoe je het veilig gebruikt?

Bij Farmora kun je beginnen in de categorie schapen en geiten. Een categorie of maatlabel bewijst niet dat een afzonderlijk product bij jouw schapen past; beoordeel de gegevens van dat product en je dieren samen.

Past een kameroenschaap bij jouw ruimte en beschikbare tijd?

Vergelijk je plannen met het werk dat er elke dag bij komt. De situaties hieronder zijn denkbeeldig en geven geen minimumoppervlakte aan.

Twee situaties vóór aanschaf
Situatie Wat al geregeld is Wat nog aandacht vraagt
Weide met een bestaande schapengroep Er zijn soortgenoten, een drinkplek en iemand voor de dagelijkse controle. Past het nieuwe dier bij de groep? Zijn voerplekken en doorgangen ook veilig als het hoorns heeft? Hoe laat je de dieren kennismaken?
Kleine sierweide naast een weg Je kunt de weide vanuit huis zien. Kun je er een groep verzorgen, met geschikte afrastering, water, voer en beschutting? Wie controleert de dieren als je weg bent?

Vraag de aanbieder naar herkomst, leeftijd, ouderdieren, huidig voer, vachtwisseling en hoornstatus. Bekijk de dieren zelf en bespreek twijfel over gezondheid of verzorging met een dierenarts die schapen behandelt. Als de voorzieningen voor een groep nog niet rond zijn, stel de aanschaf dan uit.

Veelgestelde vragen over kameroenschapen

Moet je een kameroenschaap scheren?

Het Duitse Kamerunschaf volgens de VDL stoot zijn winterondervacht in het voorjaar af. Controleer de vacht van jouw dier: de naam alleen vertelt niet of het haar goed loslaat. Het LICG legt het verschil met schapen die wel geschoren moeten worden uit.

Hoe groot wordt een kameroenschaap?

Voor het Duitse Kamerunschaf noemt de VDL volwassen ooien van 35 tot 50 kg en rammen van 45 tot 60 kg. Gebruik deze getallen niet als verwachting voor ieder aangeboden dier: vraag naar de herkomst en grootte van de ouderdieren.

Kun je één kameroenschaap houden?

Nee, plan een groep met soortgenoten. Het LICG beschrijft schapen als kuddedieren die met meerdere bij elkaar horen.