Runderen

Vermoeden van een meldingsplichtige ziekte bij runderen: eerste stappen op het bedrijf

Een zwartbonte koe staat in een stal op stro, terwijl een persoon buiten het hek met een open notitieboek naar haar kijkt.

Praktische gids

Vermoeden van een meldingsplichtige ziekte bij runderen: eerste stappen op het bedrijf

Vermoed je bij runderen mond en klauwzeer, blauwtong of Q koorts? Neem contact op met je dierenarts en meld een concreet vermoeden bij de NVWA. Het Landelijk meldpunt dierziekten is bereikbaar op 045 546 31 88. Voor blauwtong biedt de NVWA ook een meldformulier aan. Wacht niet tot je alle gegevens hebt verzameld of zelf zeker weet welke ziekte het is. Bij ernstige, onverklaarde verschijnselen zonder concrete verdenking helpt de dierenarts je beoordelen wat er aan de hand kan zijn. Bekijk de algemene meldroute van de NVWA en de meldroute voor blauwtong.

Een zwartbonte koe staat in een stal op stro, terwijl een persoon buiten het hek met een open notitieboek naar haar kijkt.
Inhoudsopgave
  1. MKZ, blauwtong en Q koorts: aspecifieke verschijnselen
  2. Dieridentiteit, waarnemingen, tijdlijn en recente contacten vastleggen
  3. Dierenarts en bevoegde instantie: de actuele route controleren
  4. Extra contacten beperken volgens bevestigd advies
  5. Het bedrijfsplan bijwerken met contactpersonen en officiële bronnen
  1. Bel: beschrijf wat je ziet aan de dierenarts en meld een concreet vermoeden bij de NVWA.
  2. Noteer: leg vast om welke dieren het gaat, wanneer iets opviel en welke contacten er recent waren.
  3. Vraag door: bespreek vóór geplande bezoeken of dierverplaatsingen welke voorzorg in jouw situatie nodig is.

MKZ, blauwtong en Q koorts: aspecifieke verschijnselen

Koorts, kwijlen, minder eten of een abortus vertelt op zichzelf niet welke ziekte aanwezig is. Geef daarom waarnemingen door, geen zelfgestelde diagnose. De drie aandoeningen hieronder hebben verschillende oorzaken en vragen niet automatisch om dezelfde vervolgstappen. Ook ernstige verschijnselen waarvan je de oorzaak niet kent, zijn reden om de dierenarts te bellen. Zie de toelichting bij de Nederlandse regels voor dierziektemeldingen.

Mond en klauwzeer (MKZ)

Bij MKZ kunnen runderen blaren krijgen in de bek, op de uier of bij de hoeven. Ook kwijlen, koorts, minder eten en een lagere melkproductie komen voor. Zie je iets dat op MKZ kan wijzen? Vertel waar je de verandering zag en meld het vermoeden direct telefonisch bij de NVWA. Een dierenarts of de NVWA beoordeelt wat er vervolgens onderzocht moet worden. Lees de informatie van de NVWA over MKZ.

Blauwtong

Bij blauwtong zijn onder meer koorts, kwijlen, zwelling aan kop of lippen en kreupelheid mogelijk. Een blauwe tong is geen voorwaarde voor een vermoeden. Het blauwtongvirus wordt door knutten overgedragen; blauwtong is dus niet hetzelfde als MKZ. Meld een vermoeden bij de NVWA via de route op de pagina voor dierhouders en bel ook je dierenarts. De NVWA beschrijft de mogelijke verschijnselen.

Q koorts

Q koorts wordt veroorzaakt door een bacterie die van dieren op mensen kan overgaan. Een besmet rund vertoont vaak geen duidelijke verschijnselen; verminderde vruchtbaarheid of een abortus bij een individueel dier kan voorkomen. Een abortus bewijst dus geen Q koorts. Bespreek zulke waarnemingen met je dierenarts. Bij een concreet vermoeden van Q koorts bij een rund geldt in Nederland ook een meldplicht. De veterinaire informatie van het RIVM beschrijft het verloop bij koeien; de officiële toelichting op de meldplicht noemt runderen afzonderlijk.

Dieridentiteit, waarnemingen, tijdlijn en recente contacten vastleggen

Begin met wat je weet; een onvolledig overzicht mag een telefoontje niet vertragen. Houd feiten en vermoedens apart. Noteer bijvoorbeeld ‘sinds vanochtend kwijlen bij dier met deze identificatiecode’ in plaats van een ziekte als vaststaand te vermelden. Je UBN en de identificatiecodes helpen om betrokken dieren en registraties terug te vinden. RVO licht deze gegevens voor de runderregistratie toe.

Notitieblad voor het eerste gesprek
Gegeven Mijn notitie
UBN, adres en terugbelnummer ____________________________
Stal, perceel of diergroep ____________________________
Identificatiecodes van betrokken runderen ____________________________
Wat zag je, en bij hoeveel dieren? ____________________________
Wanneer viel het voor het eerst op? ____________________________
Bekende recente aanvoer, afvoer en diercontacten ____________________________
Bekende bezoekers, vervoerders en gedeelde materialen ____________________________
Gebeld met, tijdstip en ontvangen advies ____________________________

Vul de tijdlijn later aan. Schrijf ‘onbekend’ als een tijdstip of contact nog niet is vastgesteld; een schatting kan het gesprek juist vertroebelen.

Dierenarts en bevoegde instantie: de actuele route controleren

In Nederland: bel bij een concreet vermoeden de dierenarts en gebruik de NVWA route voor de betreffende ziekte. Voor MKZ noemt de NVWA een directe telefonische melding via 045 546 31 88. Voor blauwtong verwijst zij ook naar een online meldformulier; bij vragen kun je het meldpunt bellen. Voor een vermoeden van Q koorts vermeldt de NVWA eveneens het meldpunt. De wettelijke meldplicht en de gewenste snelheid zijn niet voor iedere ziekte gelijk. Controleer daarom de actuele instructies per ziekte en diersoort, ook als je deze kaart later gebruikt.

Vertel aan de telefoon wat je hebt waargenomen, wanneer het begon, welke runderen betrokken zijn en welke contacten je al kent. Vraag wie de melding bevestigt en hoe je vervolgadvies ontvangt. Een melding van aanvoer of afvoer in het registratiesysteem van RVO is geen dierziektemelding: RVO beschrijft de reguliere registratie, terwijl de NVWA de dierziektemelding behandelt.

Staat het bedrijf buiten Nederland? Vraag je eigen dierenarts naar de bevoegde diergezondheidsautoriteit en de meldroute van dat land. Gebruik het Nederlandse nummer niet als vervanging van een lokale melding.

Extra contacten beperken volgens bevestigd advies

Vertel de dierenarts en de NVWA welke bezoeken, dierverplaatsingen en werkzaamheden met gedeeld materiaal gepland staan. Vraag vóórdat ze plaatsvinden wat je moet uitstellen of aanpassen, en geef het ontvangen advies door aan iedereen die op het bedrijf werkt. Bij een MKZ verdenking kan de houder instructies voor extra bioveiligheid krijgen; de Rijksoverheid beschrijft die route. De NVWA geeft voor blauwtong eigen adviezen. Neem daarom geen maatregel voor de ene ziekte zonder meer over voor een andere.

Speelt mogelijk Q koorts rond een geboorte of abortus? Vertel ook wie daarbij aanwezig was. Volgens het RIVM kan de bacterie bij besmette runderen rond een geboorte vrijkomen. Wie zich na mogelijke blootstelling zorgen maakt over de eigen gezondheid of klachten krijgt, kan de huisarts bellen. Laat voorzorg voor mensen en dieren op de situatie afstemmen.

Het bedrijfsplan bijwerken met contactpersonen en officiële bronnen

Bewaar onderstaande contactkaart op een plek die een vervanger kan vinden. Controleer geregeld het dienstnummer van je dierenarts, je locatiegegevens en de actuele NVWA meldroute. Noteer wanneer je de kaart hebt gecontroleerd.

Contactkaart voor het bedrijf
Contact of vindplaats In te vullen
Eigen dierenarts en dienstnummer ____________________________
Landelijk meldpunt dierziekten in Nederland 045 546 31 88
UBN en adres van de dierlocatie ____________________________
Verantwoordelijke per diergroep ____________________________
Vindplaats dierregistratie en verplaatsingen ____________________________
Datum laatste controle van deze kaart ____________________________