Schapen

Merinolandschaap: raskenmerken, verzorging en keuze

Wit schaap met een volle vacht, een lichte wollige kuif en brede, licht hangende oren staat met alle vier de poten zichtbaar voor een houten hek.

Rassenwijzer

Merinolandschaap: raskenmerken, verzorging en keuze

Het Merinolandschaap, in het Duits Merinolandschaf, is een specifiek ras binnen de merinogroep. Het is dus niet zomaar een andere naam voor ieder schaap dat als merino wordt aangeboden. Wil je er een kopen? Kijk dan zowel naar de documenten van het dier als naar de zorg die je thuis kunt bieden. De Duitse schapenfokkerijorganisatie VDL onderscheidt het Merinolandschaf van andere merinorassen.

Wit schaap met een volle vacht, een lichte wollige kuif en brede, licht hangende oren staat met alle vier de poten zichtbaar voor een houten hek.
Herkomst

Ontwikkeld in de negentiende eeuw in Zuid en Midden Duitsland, met plaatselijke landschapen en merinorassen uit Spanje en Zuid Frankrijk.

Uiterlijk

Wit schaap met een lang, wigvormig hoofd en brede, licht hangende oren. Een wolkuif op het voorhoofd is gewenst.

Wol

Witte wol met merinokarakter. De rasbeschrijving noemt 26 tot 28 micrometer als vezelfijnheid; dat is geen meetresultaat van een dier dat je wilt kopen.

Gebruiksrichting

Fokkerij voor vlees en wol; de beschrijving noemt ook begrazing in kudde en weide.

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Rasnaam, erkenning en relatie met andere merinotypen
  3. Raskaarten: herkomst, uiterlijk en gebruiksrichting
  4. Vacht, scheren, huisvesting en leven in de groep
  5. Identificatie en rasdocumenten opvragen bij een fokker
  6. Merinolandschaap of andere merino's: wat past bij jouw situatie?

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Rasnaam, erkenning en relatie met andere merinotypen

De VDL beschrijft het Merinolandschaf, het Merinofleischschaf en het Merinolangwollschaf als afzonderlijke rassen. Voor het Merinolandschaf publiceert zij bovendien een eigen fokprogramma. Dat is een Duitse rasbeschrijving, geen bewijs dat een aangeboden schaap in een stamboek staat en ook geen uitspraak over Nederlandse raserkenning.

Staat in een advertentie alleen ‘merino’? Vraag dan welke precieze rasnaam of kruising de verkoper bedoelt. Witte wol of een herkenbaar hoofd kan de opgegeven afstamming niet bevestigen.

Raskaarten: herkomst, uiterlijk en gebruiksrichting

Onderstaande kenmerken komen uit het Duitse rasportret van de VDL. Ze beschrijven het ras, niet noodzakelijk ieder afzonderlijk dier.

Het Merinolandschaap volgens de Duitse rasbeschrijving
Onderwerp Rasbeschrijving
Herkomst Ontwikkeld in de negentiende eeuw in Zuid en Midden Duitsland, met plaatselijke landschapen en merinorassen uit Spanje en Zuid Frankrijk.
Uiterlijk Wit schaap met een lang, wigvormig hoofd en brede, licht hangende oren. Een wolkuif op het voorhoofd is gewenst.
Wol Witte wol met merinokarakter. De rasbeschrijving noemt 26 tot 28 micrometer als vezelfijnheid; dat is geen meetresultaat van een dier dat je wilt kopen.
Gebruiksrichting Fokkerij voor vlees en wol; de beschrijving noemt ook begrazing in kudde en weide.

Bekijk bij een fokker daarom méér dan de raskenmerken: loopt het aangeboden dier goed, is de achterhand schoon en hoe gedraagt het zich tussen de andere schapen? Noteer vragen over een opvallend dier en bespreek die voordat je beslist.

Vacht, scheren, huisvesting en leven in de groep

Voor dit wolras heb je een scheerplan nodig. Spreek tijdig een bekwame scheerder af en zorg dat de dieren na het scheren beschutting kunnen opzoeken tegen kou en felle zon. De wol kan veranderingen in lichaamsconditie verhullen: kijk niet alleen naar de vacht, maar controleer het dier ook van dichtbij. Het LICG beschrijft scheren, conditiecontrole en klauwcontrole als onderdelen van de schapenzorg.

Wat controleer je bij je dieren?

  • Groep: houd schapen met soortgenoten en kijk of een dier zich afzondert.
  • Weide en water: controleer de afrastering en of alle dieren bij vers drinkwater kunnen.
  • Beschutting: zorg voor een bereikbare plek bij hitte, kou en na het scheren.
  • Conditie en beweging: let op vermagering onder de wol, klauwen en afwijkend lopen.
  • Vacht en achterhand: kijk naar vervuiling, schuren en zichtbare huidproblemen.

Het LICG raadt aan een dierenarts te waarschuwen als je vermoedt dat een schaap ziek is, bijvoorbeeld wanneer het plots sloom wordt of zich van de groep afzondert. In Nederland geldt de plicht om schapen tegen extreme weersomstandigheden te beschermen ook voor hobbyhouders; zie de NVWA over schapenwelzijn.

Welke uitrusting heb je nodig?

Begin met een geschikte weide, bereikbaar water, beschutting en hulp bij het scheren. Zoek je daarna materiaal voor een concrete verzorgingstaak, dan kun je de Farmora categorie voor schapen en geiten bekijken. Laat de handeling en je ervaring bepalen wat je nodig hebt; de rasnaam alleen kiest geen gereedschap voor je.

Identificatie en rasdocumenten opvragen bij een fokker

Controleer vóór de koop twee verschillende zaken: welk dier wordt overgedragen? en waarop berust de opgegeven rasnaam? Volgens RVO moet een schaap twee goedgekeurde identificatiemiddelen hebben, waarvan minstens één elektronisch is. Een identificatienummer vertelt je welk dier het is, maar bewijst op zichzelf geen rasafstamming.

Vragen voor het gesprek met de fokker
Vraag Waar let je op?
Welk dier koop ik? Vergelijk de identificatie van het aangeboden schaap met de nummers op de verstrekte documenten.
Waar staat het ingeschreven? Vraag naar de fokkerijorganisatie, de exacte rasnaam en de status van de stamboekinschrijving.
Wat is de afstamming? Vraag welke diergebonden documenten de organisatie heeft afgegeven en of daarop de ouders staan.
Hoe verloopt de overdracht? Spreek af wie het vervoersdocument verzorgt en wie de afvoer en aanvoer meldt.

Voor een dier dat als raszuiver fokdier wordt aangeboden, kun je vragen naar een zoötechnisch certificaat van een erkende fokkerijorganisatie. RVO legt uit dat dit certificaat identificatie en afstamming vermeldt en een raszuivere inschrijving in de hoofdsectie van een stamboek aantoont. Vraag bij twijfel de uitgevende organisatie om uitleg over de documenten van dit dier.

Ga je zelf schapen houden, regel dan vóór hun komst de registratie van de verblijfplaats met een UBN, ook als je hobbyhouder bent. Bij transport hoort een vervoersdocument; vertrek en aankomst worden in het Nederlandse registratiesysteem gemeld. Komt een dier rechtstreeks uit een ander land binnen de EU, controleer dan vooraf ook de regels voor de importmelding en het gezondheidscertificaat. Bekijk daarvoor de actuele uitleg van RVO over het UBN en verplaatsingen en import.

Merinolandschaap of andere merino’s: wat past bij jouw situatie?

Wil je specifiek met het Merinolandschaap fokken, begin dan bij de precieze rasnaam en controleerbare stamboekgegevens. Een advertentie met alleen ‘merino’ geeft je daarvoor te weinig informatie. Vraag welke fokkerijorganisatie het dier heeft geregistreerd en laat uitleggen wat de documenten over de afstamming zeggen.

Zoek je in de eerste plaats schapen om als groep te houden of te laten grazen? Begin dan bij de dieren die je daadwerkelijk kunt beoordelen en bij je eigen mogelijkheden: voldoende weide, beschutting, dagelijkse controle en een scheerder die je kunt inschakelen. Ook een dier met een goed gedocumenteerde afstamming heeft die zorg nodig. Ontbreken de documenten, beschouw de opgegeven rasnaam dan niet als vastgesteld.

Het verschil tussen het Merinolandschaap en ‘een merino’ is daarmee vooral een verschil in precisie: de eerste naam verwijst naar een omschreven ras, de tweede kan in een advertentie veel minder duidelijk zijn. Kies niet op een vermeende algemene score voor merinoschapen, maar op de herkomst en toestand van het dier én op de zorg die je de groep kunt geven.