Dode kip gevonden: wat controleer je bij de rest van de toom?
Praktische gids
Dode kip gevonden: wat controleer je bij de rest van de toom?
Vind je een dode hobbykip, kijk dan eerst naar de rest van de toom. Zijn er meer kippen dood of zie je ziekteverschijnselen? Bel dan direct je dierenarts. Noteer wat je waarneemt, maar probeer de doodsoorzaak niet zelf vast te stellen. Raak de dode kip niet met blote handen aan en houd andere dieren erbij weg. De NVWA beschrijft wanneer je bij verschijnselen in actie moet komen; de Rijksoverheid geeft advies over dode vogels.

Inhoudsopgave
- Producten bij deze gids
- Tijdstip, aantal getroffen kippen en veranderingen in voer, water en hok
- Gedrag en zichtbare veranderingen bij de andere kippen
- Hygiëne en verplaatsingen: verspreiding beperken met deskundig advies
- Meerdere plotselinge sterfgevallen of ziekteverschijnselen: wie bel je?
- Afvoer van een dode kip: welke regels gelden in Nederland?
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Drinkwater controleren

Drinktoren voor Kippen van Doorzichtig Kunststof Limoengroen 5 l – Gaun
Door het doorzichtige reservoir zie je tijdens je dagelijkse ronde wanneer de drinktoren bijgevuld moet worden.
Let op bij je keuze Controleer ook of de drinkplek schoon en bereikbaar is voor de kippen.
Een overzichtelijke voerplek

Voertoren voor Pluimvee van Transparant Biokunststof, Limoengroen, 2 kg – Gaun Bio Green Lemon
Bij deze voertoren zie je door de transparante voorraadbak hoeveel voer er nog in zit.
Let op bij je keuze Kijk ook of de kippen bij het voer kunnen en noteer veranderingen in hun gedrag.
Tijdstip, aantal getroffen kippen en veranderingen in voer, water en hok
Schrijf op wanneer je de kip vond en wanneer je haar voor het laatst levend zag. Dat zijn twee verschillende momenten; het tijdstip van overlijden weet je mogelijk niet. Deze kaart helpt je de dierenarts concreet te vertellen wat er speelt. Vul ‘onbekend’ in waar nodig en stel een telefoontje niet uit om de kaart af te maken.
| Controlepunt | Wat leg je vast? |
|---|---|
| Vondst | Datum, tijd, vindplaats en het laatste moment waarop je de kip levend zag. |
| Toom | Hoeveel kippen er zijn, hoeveel er dood zijn en bij welke andere dieren je iets afwijkends ziet. |
| Voer en water | Of voer en drinkwater bereikbaar zijn en of je onlangs van voer, voorraad of drinkplek veranderde. |
| Hok en ren | Recente veranderingen aan het verblijf, natte plekken, beschadigingen of zichtbaar contact met wilde vogels of hun uitwerpselen. |
| Contact en vervolg | Nieuwe kippen, bezoek of verplaatste materialen; noteer later ook nieuwe waarnemingen en het advies van de dierenarts. |
Controle van drinkwater, verblijf en hygiëne hoort bij de gewone verzorging. Contact met wilde vogels en hun uitwerpselen is eveneens een aandachtspunt. Geen van de punten op de kaart bewijst op zichzelf een doodsoorzaak. Lees meer bij het LICG over kippenverzorging en de NVWA over hobbyvogels.
Gedrag en zichtbare veranderingen bij de andere kippen
Bekijk de levende kippen rustig in hun gebruikelijke omgeving. Lopen ze rond en reageren ze zoals je gewend bent? Komen ze bij voer en water, of blijft een dier apart zitten? Let ook op niezen, zichtbaar moeizaam ademen, afwijkende mest, veranderingen aan ogen of kam, wankel lopen en een verandering in de eileg. Noteer per kip wat je daadwerkelijk zag, in plaats van een ziekte te benoemen. Deze verschijnselen kunnen verschillende oorzaken hebben; laat de beoordeling aan een dierenarts. De NVWA noemt verschijnselen om op te letten; ook het LICG beschrijft signalen van ziekte bij kippen.
Controleer of de drinkplek bruikbaar is en kijk later opnieuw naar de toom. Verandert het beeld of wordt een kip zichtbaar ziek, geef die nieuwe informatie dan door aan de dierenarts. Een eerste rustige indruk is geen diagnose.
Hygiëne en verplaatsingen: verspreiding beperken met deskundig advies
Houd honden, katten en andere dieren weg van de dode kip. Was na contact met de kippen of het hok je handen met water en zeep. Maak gebruikt schoeisel en materiaal schoon voordat je daarmee bij andere vogels komt. Beperk onnodig bezoek aan de toom en vraag de dierenarts wat je met de dode kip en de levende dieren doet als je ziekte vermoedt. Het LICG adviseert handen wassen na contact met dieren; de NVWA geeft advies over bescherming van hobbyvogels.
Breng bij een verdenking niet alvast kippen of gebruikt hokmateriaal naar een andere locatie. Vraag vóór eventueel vervoer advies en controleer welke maatregelen op jouw adres gelden via de informatie van RVO over vogelgriep en de Dierziekteviewer. Wil je weten of onderzoek van de dode kip zinvol is, bespreek dat met je dierenarts; snijd het dier niet zelf open. De Rijksoverheid vermeldt dat een dierenarts een dode hobbykip kan onderzoeken.
Meerdere plotselinge sterfgevallen of ziekteverschijnselen: wie bel je?
Bel direct je dierenarts als kort na elkaar meerdere kippen doodgaan of als de overige kippen ziekteverschijnselen vertonen. Vertel hoeveel dieren getroffen zijn, wanneer je ze voor het laatst levend zag en wat er bij de andere kippen is veranderd. Ook bij twijfel over een mogelijke besmettelijke ziekte hoef je niet eerst zelf uit te zoeken wat er aan de hand is. Plotselinge sterfte, sloomheid, ademhalingsproblemen en wankel lopen behoren tot de signalen waarbij de NVWA direct contact met een dierenarts adviseert.
Vermoed je vogelgriep, zorg dan ook dat de verdenking bij de NVWA wordt gemeld. Die meldplicht geldt eveneens voor hobbyhouders. Overleg hierover zo snel mogelijk met je dierenarts; je kunt zelf melden en de dierenarts kan dat ook doen. Het Landelijk meldpunt dierziekten is bereikbaar op 045 546 31 88. Wacht bij een kleine hobbytoom niet op de sterftepercentages die de NVWA voor commerciële pluimveehouders noemt. Lees de meldinformatie van de NVWA.
Afvoer van een dode kip: welke regels gelden in Nederland?
Voor je eigen hobbykip gelden de Nederlandse afvoerregels voor dode hobbydieren. Volgens de NVWA moet je het dier bij Rendac aanmelden, uiterlijk op de eerstvolgende werkdag na het overlijden. Begraven en afvoer via het GFT afval zijn niet toegestaan. Dek de dode kip af en houd haar buiten bereik van andere dieren; spreek met Rendac af waar het dier wordt aangeboden. Bekijk de regels en aanwijzingen van de NVWA voor dode hobbydieren.
Is onderzoek of een dierziektemelding mogelijk nodig? Vraag de dierenarts direct hoe dat samengaat met de afvoer en stel de aanmelding niet zomaar uit. Gebruik voor je eigen hobbykip niet zonder meer de gemeentelijke route die bij een gevonden wilde vogel wordt genoemd. De Rijksoverheid maakt onderscheid tussen wilde vogels en hobbykippen. Ben je onzeker over de regels voor jouw geval, vraag dan de NVWA om uitleg.