Hinterwälder rund: rasfeiten, gebruik en verzorging
Rassenwijzer
Hinterwälder rund: rasfeiten, gebruik en verzorging
Het Hinterwälder rund is een relatief klein ras uit het zuidelijke Zwarte Woud. Volgens het Duitse fokprogramma van Rinderunion Baden-Württemberg worden deze runderen gehouden voor melk en vlees, of als moederkoeien. Of het ras bij u past, hangt vooral af van het gebruiksdoel, het aangeboden dier en wat u op uw bedrijf kunt bieden.

Het ras komt uit de hooggelegen gebieden van het zuidelijke Zwarte Woud.
Hinterwälder is de rasnaam in het fokprogramma van Rinderunion Baden-Württemberg. Deze organisatie voert er een fokboek voor.
De vacht heeft gele tot rode delen met wisselende hoeveelheden wit. De kop is doorgaans wit, maar de tekening verschilt per dier.
Het Duitse programma beschrijft koeien van 118 tot 122 cm schofthoogte en 380 tot 420 kg. Dit zijn rasbeschrijvende waarden, geen Nederlandse norm of maat van ieder dier.
Inhoudsopgave
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Afrastering voor de weide

Schriklint 10 mm Wit met 4 RVS Draden, 200 m – ZoneGuard Basic
Dit schriklint is bedoeld voor afrasteringen voor vee en helpt je de inrichting van de weide te plannen.
Let op bij je keuze Controleer of de afrastering op jouw perceel ook geschikt is voor eventuele kalveren.
Een plek voor voer of water

Voertrog van Natuurrubber voor Voer en Water, 20 l – Gobel
Deze trog van 20 liter kan binnen en buiten worden gebruikt voor voer of water.
Let op bij je keuze Beoordeel hoeveel drinkplekken en capaciteit de hele groep nodig heeft.
Een koetouw voor het hanteren

Koetouw van Wit Sisal, 240 cm Lang
Een koetouw van 240 cm kan van pas komen wanneer je het hanteren en verplaatsen van een rund voorbereidt.
Let op bij je keuze Ga na of deze lengte past bij jouw werkwijze en de ruimte rond het dier.
Herkomst, naam, registratie en uiterlijk van het ras
| Onderwerp | Wat is bekend? |
|---|---|
| Herkomst | Het ras komt uit de hooggelegen gebieden van het zuidelijke Zwarte Woud. |
| Naam en fokboek | Hinterwälder is de rasnaam in het fokprogramma van Rinderunion Baden-Württemberg. Deze organisatie voert er een fokboek voor. |
| Uiterlijk | De vacht heeft gele tot rode delen met wisselende hoeveelheden wit. De kop is doorgaans wit, maar de tekening verschilt per dier. |
| Volwassen koeien | Het Duitse programma beschrijft koeien van 118 tot 122 cm schofthoogte en 380 tot 420 kg. Dit zijn rasbeschrijvende waarden, geen Nederlandse norm of maat van ieder dier. |
De Duitse fokorganisatie beschrijft het ras en zijn fokboek. Ook de Duitse vereniging GEH beschrijft de herkomst en de variatie in vachttekening. Aan de kleur alleen kunt u de afstamming van een aangeboden rund niet vaststellen.
Wordt een dier als geregistreerd fokdier aangeboden? Vraag dan welke organisatie de inschrijving heeft afgegeven, in welke fokboekklasse het dier staat en welk afstammingsdocument erbij hoort. Vergelijk het individuele nummer op de documenten met de identificatie van het dier. Het Duitse fokprogramma onderscheidt een hoofdafdeling en een aanvullende afdeling; een vermelding in het fokboek zegt dus pas genoeg als u weet wat de inschrijving inhoudt. Bekijk de uitleg van de fokorganisatie.
Gebruiksmogelijkheden en variatie binnen het ras
Het Duitse fokprogramma noemt zowel melkvee als moederkoeien. Het beschrijft geschiktheid voor weidegebruik en benutting van ruwvoer als raskenmerken en fokdoelen. Dat is een reden om het ras te onderzoeken, niet om zonder meer een opbrengst of een passende voerbasis voor één dier te verwachten.
- Wilt u melken? Vraag naar de individuele melkgegevens, bekijk het uier en bespreek hoe het dier in uw werkwijze past.
- Wilt u moederkoeien houden? Vraag naar de voorgeschiedenis van de koe, eventuele eerdere kalveren en de manier waarop koe en kalf op het huidige bedrijf worden verzorgd.
- Wilt u bepaalde percelen beweiden? Bespreek de ervaring van het aangeboden dier met vergelijkbaar terrein. Bekijk ook zelf de looproutes, bodem en bereikbaarheid van water en beschutting.
Laat de houder voordoen hoe het dier wordt benaderd en verplaatst. Dat levert voor uw keuze meer informatie op dan een algemene uitspraak over het gedrag van het ras.
Terrein, voer en groepsindeling: wat moet u nagaan?
Een rasbeschrijving is geen voerplan. Volgens RVO hebben gehouden dieren voldoende geschikt voer en water nodig, bescherming tegen slecht weer en huisvesting die bij hun behoeften past. Verzamel daarom eerst gegevens over uw eigen situatie en bespreek de invulling met een rundveeadviseur.
| Onderwerp | Wat brengt u in kaart? | Wat vraagt u na? |
|---|---|---|
| Terrein | Natte of steile stukken, looproutes, doorgangen en toestand van de afrastering. | Kunnen alle beoogde dieren, ook kalveren, de voorzieningen bereiken? |
| Voer | Beschikbaar gras en ruwvoer, de kwaliteit daarvan en perioden met weinig groei. | Past deze voerbasis bij de leeftijd, conditie en het gebruiksdoel van de dieren? |
| Groep | Aantal dieren, leeftijden, eventuele aanwezigheid van een stier en ruimte om een dier apart te zetten. | Kan ieder dier bij voer en water komen, en hoe verloopt het samenvoegen of afzonderen? |
Dit overzicht is een gesprekshulp, geen bezettingsnorm. Let na plaatsing op wat er in de groep werkelijk gebeurt. RVO verlangt onder meer dat de groepssamenstelling het welzijn niet schaadt en dat dieren voldoende gelegenheid hebben om te eten en drinken.
Water, beschutting, dagelijkse controle en deskundig advies
Controleer of drinkplekken werken en voor de dieren bereikbaar zijn. Kijk bij warm weer ook waar en wanneer schaduw beschikbaar is. De NVWA wijst voor dieren in de wei op voldoende water en schaduw bij hitte. Herkomst uit een ruig gebied vervangt die voorzieningen niet.
- Bekijk tijdens uw dagelijkse ronde of alle dieren eten, drinken, bewegen en rusten zoals u gewend bent.
- Let op dieren die achterblijven, zichtbare verwondingen of een opvallende verandering in houding of conditie.
- Controleer doorgangen en afrastering op beschadigingen of scherpe delen. Wie materiaal vergelijkt, kan het aanbod aan afrastering bij Farmora bekijken; beoordeel de geschiktheid altijd voor de eigen dieren en het perceel.
- Ga na of ook kalveren en minder mobiele dieren beschutting kunnen bereiken en hoe u een dier zo nodig kunt afzonderen.
Een ziek of gewond dier heeft direct zorg nodig. Bespreek een zorgwekkende verandering met uw dierenarts; wacht niet op de volgende routinecontrole als een dier duidelijk hulp nodig heeft. RVO licht de verzorgings en controleverplichtingen toe.
Past het ras bij uw bedrijf? Vragen aan fokker en adviseur
Maak uw keuze niet op basis van formaat of vachtkleur alleen. Leg de gegevens van het aangeboden dier naast de voorzieningen en het werk dat u daadwerkelijk kunt organiseren.
| Uw plan | Vraag aan fokker of adviseur |
|---|---|
| Melken | Welke individuele gegevens zijn vastgelegd en welke aanpassingen zijn nodig om dit dier in uw bedrijf te melken? |
| Moederkoeien houden | Wat is bekend over het aangeboden dier en hoe richt u de groep met eventuele kalveren in? |
| Beweiden | Waar liggen op uw percelen de knelpunten voor bereikbaarheid, water en beschutting? |
| Een klein aantal runderen houden | Hoe organiseert u passende huisvesting, dagelijkse zorg en hulp bij uw afwezigheid? |
Vraag de verkoper ten slotte naar de identificatie, relevante gegevens over voeding en gezondheid en, als het om een geregistreerd fokdier gaat, de precieze fokboekstatus. Een Duits afstammingsdocument is iets anders dan de Nederlandse registratie. RVO vermeldt dat ook hobbymatig gehouden runderen geregistreerd moeten zijn, dat hun locatie een UBN nodig heeft en dat runderen twee oormerken dragen.
Regel die registratie voordat het dier aankomt. Volgens RVO meldt u aanvoer binnen drie werkdagen in I&R. Komt een rund uit Duitsland of een ander land binnen de EU, dan gelden een importmelding binnen drie werkdagen en voorschriften voor het runderpaspoort. Controleer die instructies wanneer u de aankoop en het vervoer voorbereidt.