Varkens dagelijks observeren: de groep en elk dier bekijken
Praktische gids
Varkens dagelijks observeren: de groep en elk dier bekijken
Begin een observatieronde op enige afstand: kijk hoe de groep zich gedraagt en welke dieren bij voer en water kunnen. Bekijk daarna de afzonderlijke varkens. Noteer veranderingen met een datum, zodat je aan je dierenarts kunt vertellen wat er is veranderd en wanneer.

Inhoudsopgave
- Producten bij deze gids
- Activiteit, groepsgedrag en toegang tot voer en water
- Veranderingen aan ogen, oren, bek, huid en poten noteren
- Afwijkingen van het gewone patroon herkennen en dateren
- Aantal betrokken varkens, tijdsverloop en observaties doorgeven
- Spoedsignalen en contactmomenten met de dierenarts afspreken
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Dieren herkenbaar markeren

Merkspray voor Varkens en Runderen, Blauw, 400 ml – Kerbl Topmarker
Met een markering zie je tijdens de observatieronde gemakkelijker welke varkens je al hebt bekeken of opnieuw wilt bekijken.
Let op bij je keuze Spreek met iedereen die de dieren verzorgt af wat de kleur betekent en noteer je waarnemingen met datum apart.
Dit is een dagelijkse observatieronde, niet de Welzijnscheck varkens. Die jaarlijkse beoordeling brengt vooral risico’s op bijtgedrag in kaart. Voor productiedieren beschrijft RVO hoe vaak controle nodig is; dat hangt af van het houderijsysteem.
Activiteit, groepsgedrag en toegang tot voer en water
Blijf eerst even buiten het hok staan. Welke dieren bewegen of rusten zoals je gewend bent? Blijft er een varken apart liggen, wordt een dier herhaaldelijk weggejaagd of zie je bijten naar oren of staarten? Let ook op hoesten en een opvallende verandering in de ademhaling. Zulke waarnemingen zijn redenen om beter te kijken, geen diagnose. De Britse richtlijn voor varkenshouders noemt onder meer afzondering, afwijkend gedrag, hoesten en verwondingen als aandachtspunten bij inspectie.
Kijk vervolgens of ieder dier bij het voer kan en of drinkwater bereikbaar is. Een dier dat bij het voeren achterblijft, verdient afzonderlijke aandacht. Volgens de Nederlandse welzijnseisen voor varkens moet ook een zwakker varken voldoende voer kunnen krijgen; varkens ouder dan twee weken moeten voortdurend over voldoende vers water beschikken.
Veranderingen aan ogen, oren, bek, huid en poten noteren
Kijk van dichtbij zonder een dier onnodig op te jagen. Beschrijf alleen wat zichtbaar is, bijvoorbeeld:
- Ogen: een nieuw verschil tussen beide ogen of zichtbare afscheiding.
- Oren: verse krassen, wondjes of een veranderde stand.
- Bek en snuit: opvallend speeksel, zichtbare plekjes of moeite met eten.
- Huid en staart: nieuwe plekken, verkleuringen of verwondingen.
- Poten: hinken, voorzichtig lopen of een poot niet willen belasten.
Het LICG beschrijft onder meer oorproblemen, huidveranderingen, kreupelheid en een verminderde eetlust bij varkens. Ook de NVWA noemt veranderingen rond bek en poten als mogelijke ziekteverschijnselen. Een zichtbaar teken op zichzelf vertelt je niet wat de oorzaak is.
Afwijkingen van het gewone patroon herkennen en dateren
Vergelijk wat je vandaag ziet met wat voor dit dier en deze groep gebruikelijk is. Schrijf liever ‘blijft sinds vanochtend liggen terwijl de andere dieren opstaan voor voer’ dan ‘lijkt ziek’. Zo kan iemand die de volgende ronde doet dezelfde verandering terugvinden.
Afvinkkaart voor de observatieronde
| Vul in | Wat noteer je? |
|---|---|
| Datum, tijd en plek | Wanneer keek je en om welk hok of welke groep gaat het? |
| Dier en aantal | Welk dier herken je en hoeveel dieren vertonen dezelfde verandering? |
| Gedrag | Activiteit, contact met groepsgenoten en wat anders is dan gewoonlijk. |
| Voer en water | Wat zag je bij het eten en drinken? Is de toegang bereikbaar? |
| Zichtbare verandering | Plaats en beschrijving van wat je ziet, hoort of ruikt. |
| Vervolgcontact | Wie heb je wanneer gesproken en wat is afgesproken? |
Vul alleen in wat je werkelijk hebt waargenomen. ‘Niet gezien drinken’ is iets anders dan ‘drinkt niet’. De kaart helpt bij de overdracht; ze is geen officiële welzijnscheck of gezondheidsbeoordeling.
Aantal betrokken varkens, tijdsverloop en observaties doorgeven
Geef bij contact met een deskundige eerst de plek en het aantal betrokken dieren door. Vertel wanneer je de verandering voor het eerst zag, of ze toeneemt en wat je concreet hebt opgemerkt aan gedrag, voer, water en uiterlijk. Noem ook wat je nog niet hebt kunnen controleren. Houd de afvinkkaart bij de hand en leg vast met wie je hebt gesproken en wat de vervolgafspraak is.
Spoedsignalen en contactmomenten met de dierenarts afspreken
Spreek met je eigen varkensdierenarts af welke veranderingen je direct meldt en hoe je buiten kantooruren contact opneemt. Wacht niet op de volgende ronde bij duidelijke ademnood, een dier dat niet meer overeind komt, een ernstige verwonding of meerdere dieren die plots sterk achteruitgaan. Vraag ook meteen hulp als de groep geen toegang tot drinkwater heeft. RVO verlangt dat zieke of gewonde dieren direct worden verzorgd; de LICG informatie over varkens raadt aan bij twijfel over de gezondheid een dierenarts te raadplegen.
Zie je blaren rond de bek of poten en vermoed je mond en klauwzeer, of vermoed je varkenspest? Neem dan direct contact op met je dierenarts én meld het vermoeden bij de NVWA. Stel zelf geen diagnose en wacht niet op de volgende observatieronde. De NVWA legt de meldplicht bij verdenking van mond en klauwzeer uit en beschrijft ook het melden van een vermoeden van Afrikaanse varkenspest.