Schapen

Vermoeden van anaerobiose bij schapen: observaties voor de dierenarts

Vier schapen grazen in een groene wei, terwijl een vijfde schaap iets verderop staat.

Praktische gids

Vermoeden van anaerobiose bij schapen: observaties voor de dierenarts

Vermoed je dat een schaap ziek is? Bel de dierenarts en vertel eerst wat je ziet, wanneer het begon en hoeveel dieren betrokken zijn. Wacht bij een dier dat instort, niet overeind komt of snel achteruitgaat niet tot je aantekeningen compleet zijn. Het LICG adviseert de dierenarts te waarschuwen zodra je vermoedt dat een schaap ziek is. (licg.nl)

Vier schapen grazen in een groene wei, terwijl een vijfde schaap iets verderop staat.
Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Hoe laat je de term anaerobiose bij schapen door een dierenarts verduidelijken?
  3. Welke veranderingen in gedrag en omstandigheden kun je vastleggen?
  4. Wanneer neem je over je waarnemingen contact op met de dierenarts?
  5. Welke tijdlijn, dieren, voer en bedrijfsveranderingen geef je door?
  6. Hoe bespreek je een preventieplan voor je kudde met de dierenarts?

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Overzicht tijdens de controleronde

Merkstift Groen, Draaibaar – Raidex

Merkstift Groen, Draaibaar – Raidex

Met een kleurmarkering zie je welke dieren je tijdens een controleronde al hebt gemarkeerd.

Let op bij je keuze Geef groen een vaste betekenis en noteer de identificatie van dieren met veranderingen apart voor de dierenarts.

Gebruik ‘anaerobiose’ als een term waarover je een vraag hebt, niet als vastgestelde oorzaak. Je waarnemingen helpen de dierenarts bepalen wat er moet worden onderzocht.

Hoe laat je de term anaerobiose bij schapen door een dierenarts verduidelijken?

Laat zien waar je het woord bent tegengekomen. Komt het uit een Roemeense tekst of een gesprek, geef dan liefst de oorspronkelijke formulering door. Een Roemeense veterinaire publicatie gebruikt een verwante meervoudsvorm voor aandoeningen waarbij verschillende bacteriën uit het geslacht Clostridium een rol spelen. Dat zegt niet welke aandoening bij jouw dieren speelt. (researchgate.net)

Vraag: ‘Wat wordt hier precies bedoeld? Welke andere oorzaken zijn mogelijk? Welk onderzoek helpt om onderscheid te maken?’ Vertaal de term niet zelf naar enterotoxemie. De GD beschrijft enterotoxemie als een specifieke aandoening die bij onderzochte lammeren werd vastgesteld. (gddiergezondheid.nl)

Welke veranderingen in gedrag en omstandigheden kun je vastleggen?

Beschrijf verschillen met het gewone gedrag van het dier. Het LICG noemt sloomheid, afzondering en veranderingen in de ontlasting als zaken om op te letten. Geen van deze waarnemingen stelt op zichzelf een diagnose vast. (licg.nl)

  • Gedrag: blijft het schaap achter bij de groep of reageert het anders dan gewoonlijk?
  • Eten en drinken: wanneer heb je het dier voor het laatst daadwerkelijk zien eten of drinken?
  • Houding en beweging: staat en loopt het? Zie je vallen, trillen of een veranderde gang?
  • Zichtbare veranderingen: wat valt je op aan de ontlasting, ademhaling of het achterlijf?
  • Andere dieren: zie je bij koppelgenoten dezelfde verandering?

Schrijf ‘niet gezien’ als je iets niet hebt kunnen controleren. Een korte video van afwijkend gedrag kan handig zijn voor het gesprek, mits je die kunt maken zonder het schaap op te jagen.

Wanneer neem je over je waarnemingen contact op met de dierenarts?

Bel bij een vermoeden van ziekte. Meld onmiddellijk als een schaap instort, niet overeind komt, snel achteruitgaat of als je onverwachte sterfte ontdekt. Vertel meteen wat er aan de hand is; de dierenarts beoordeelt de spoed en zegt wat je verder moet volgen. Het advies om bij ziekteverdenking te bellen komt van het LICG. De GD beschrijft dat een specifieke aandoening bij lammeren acuut kan verlopen; dat is geen verklaring voor de verschijnselen van een individueel schaap. (licg.nl)

Is een dier gestorven? Overleg met de dierenarts of onderzoek na sterfte zinvol is en hoe je het dier daarvoor aanbiedt. De GD biedt pathologisch onderzoek van gestorven schapen aan om een ziekte of doodsoorzaak te helpen vaststellen. (gddiergezondheid.nl)

Welke tijdlijn, dieren, voer en bedrijfsveranderingen geef je door?

Begin het telefoongesprek met je locatie, het aantal betrokken dieren en de belangrijkste verandering van dit moment. Gebruik daarna deze kaart. Je hoeft niet eerst elk vak in te vullen.

Observatiekaart voor het gesprek met de dierenarts
Onderwerp Wat geef je door?
Dier en groep Oormerk of andere bekende identificatie, leeftijdsgroep, eventuele dracht of lactatie en het aantal dieren met veranderingen.
Begin Wanneer zag iemand het dier voor het laatst zoals gewoonlijk? Wanneer werd de eerste verandering gezien, en door wie?
Verloop Wat zag je daarna aan gedrag, eten, drinken, staan, lopen of ontlasting? Noteer de tijdstippen die je weet.
Voer en water Welk voer kregen de dieren? Was er een nieuwe partij, een voerwisseling of een verandering in toegang tot voer of water?
Kudde en omgeving Was er een ander perceel, een verplaatsing, scheren, de komst van nieuwe dieren of een andere recente verandering?
Afspraak Welk advies gaf de dierenarts en wanneer neem je opnieuw contact op?

Weet je iets niet, zeg dat dan gewoon. Ook bij onderzoek na sterfte vraagt de GD om informatie over het dier, de ziekteverschijnselen en eventuele problemen op het bedrijf. (gddiergezondheid.nl)

Hoe bespreek je een preventieplan voor je kudde met de dierenarts?

Neem je aantekeningen, eventuele eerdere onderzoeksuitslagen en bekende vaccinaties mee. Vraag welke risico’s voor jouw kudde relevant zijn, of voer en verzorging aandacht vragen en of vaccinatie tegen een vastgestelde aandoening passend is. Spreek ook af welke veranderingen je blijft noteren en wanneer je terugbelt.

De GD bespreekt managementfactoren en vaccinatie bij een specifiek probleem met Clostridium bij lammeren. Daaruit volgt geen algemeen vaccinatieplan voor iedere kudde of voor alles wat met ‘anaerobiose’ bedoeld kan worden. (gddiergezondheid.nl)