Geiten

Sardische geit: rasidentiteit, kenmerken en verzorging

Lichte geit met grijze vachtaccenten en gebogen hoorns staat volledig in beeld op een erf, voor een houten hek en een stenen muur.

Rassenwijzer

Sardische geit: rasidentiteit, kenmerken en verzorging

De Sardische geit in dit profiel is het Italiaanse ras Sarda. Een geit uit Sardinië is niet automatisch een Sarda: de Italiaanse rasorganisatie onderscheidt ook de Sarda Primitiva. Vraag bij een aangeboden dier daarom eerst naar de gedocumenteerde rasnaam. Kijk vervolgens of je ruimte hebt voor soortgenoten, uitloop en een droge schuilplek. Bekijk de rasindeling van AssoNaPa.

Lichte geit met grijze vachtaccenten en gebogen hoorns staat volledig in beeld op een erf, voor een houten hek en een stenen muur.
Naam

Sarda

Herkomst

Sardinië, Italië

Bouw

Middelgroot, met stevige ledematen

Gebruiksrichting

Melk en vlees in de Italiaanse rasbeschrijving

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Rasidentiteit: Sardische geit of geit van Sardinië?
  3. Uiterlijk en gedocumenteerde raskenmerken
  4. Geschiktheid voor verschillende vormen van houderij
  5. Voer, beschutting, water en afrastering
  6. Rasdocumenten en de toestand van een individuele geit

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Rasidentiteit: Sardische geit of geit van Sardinië?

AssoNaPa vermeldt Sarda en Sarda Primitiva afzonderlijk. Volgens de rasbeschrijving komt de Sarda oorspronkelijk van Sardinië en is er onder meer invloed van het Maltese ras geweest. De beschrijving van de Sarda Primitiva noemt die uitdrukkelijk een andere populatie. Lees het profiel van de Sarda en dat van de Sarda Primitiva.

Een opgegeven herkomst, foto of overeenkomst in uiterlijk is geen bewijs dat een individuele geit als Sarda is geregistreerd. Vraag welke rasnaam bij het dier is vastgelegd en welke stukken daarbij horen. Ontbreken die stukken, behandel de rasstatus dan als onbevestigd.

Uiterlijk en gedocumenteerde raskenmerken

Deze feiten beschrijven het ras in het Italiaanse profiel; ze voorspellen niet hoe één geit eruitziet of presteert. Bron: rasbeschrijving van AssoNaPa.

De Sarda in vier feiten
Onderwerp Rasbeschrijving
Naam Sarda
Herkomst Sardinië, Italië
Bouw Middelgroot, met stevige ledematen
Gebruiksrichting Melk en vlees in de Italiaanse rasbeschrijving

De beschrijving noemt verder een bijna recht kopprofiel, oren die doorgaans bijna horizontaal staan en een wisselende vachtkleur. Wit en grijs komen vaker voor; hoorns kunnen aanwezig zijn of ontbreken. Gebruik kleur of hoorns dus niet als doorslaggevend herkenningspunt. Bekijk de uiterlijke kenmerken.

Geschiktheid voor verschillende vormen van houderij

AssoNaPa beschrijft de Sarda in Sardinië in kuddes die geheel of gedeeltelijk vrij rondlopen. Dat zegt iets over de houderij daar, niet dat een geit in Nederland zonder beschutting kan. Volgens het LICG hebben geiten soortgenoten, een droge stal, uitloop en een veilige omheining nodig. Ook kunnen individuele geiten in karakter verschillen. Bekijk de Italiaanse houderijcontext en de Nederlandse geitengids.

Vragen voor jouw houderij
Situatie Wat beoordeel je?
Bestaande hobbygroep Kan een nieuw dier aansluiten zonder dat een geit bij voer, water of rustplekken wordt verdrongen?
Klein erf Zijn er werkelijk mogelijkheden voor een groep geiten, beschutting en veilige uitloop? Zo niet, stel aanschaf uit.
Melk als doel Welke gegevens zijn er over dit dier en hoe organiseer je de dagelijkse verzorging? Reken niet op een vaste opbrengst op grond van de rasnaam.

Ga het dier zo mogelijk in zijn huidige groep bekijken. Vraag hoe het reageert bij voeren en hanteren en let erop of het rustig bij de voerplek kan komen. Het LICG beschrijft dat geiten lager in de groepsrangorde van voer kunnen worden weggejaagd. Lees meer over groepsgedrag bij het LICG.

Voer, beschutting, water en afrastering

Richt de verzorging in voor de geiten die je daadwerkelijk houdt. Het LICG behandelt ruwvoer, een geleidelijke overgang bij voerwisselingen, voortdurend vers drinkwater, beschutting en een omheining waar geiten niet doorheen of overheen kunnen. Bekijk de verzorgingsinformatie van het LICG.

Checklist voor het erf

  • Voer: zorg voor geschikt ruwvoer, waaronder hooi. Controleer of ieder dier bij een voerplaats kan komen en verander het voer niet plotseling.
  • Beschutting: bied de hele groep een droge rustplek en zorg buiten voor schaduw en beschutting tegen nat weer.
  • Water: houd vers drinkwater bereikbaar en de drinkplek schoon.
  • Afrastering: controleer poorten en gaas. Let bij gehoornde dieren op mazen waarin een kop kan vastkomen en plaats klimmogelijkheden niet vlak bij het hek.
  • Dagelijkse observatie: kijk of de dieren levendig zijn, eten en normaal bewegen. Laat ook de klauwen regelmatig beoordelen. Neem bij sloomheid, niet eten, afwijkende ontlasting of andere tekenen van ziekte contact op met een dierenarts.

Zoek je materiaal voor de verzorging, dan kun je de categorie schapen en geiten bekijken. Daar staan ook artikelen die voor schapen bedoeld zijn. Controleer bij een gekozen artikel de vermelde diersoort en toepassing; de categorie zegt niets over de geschiktheid voor jouw geit.

Rasdocumenten en de toestand van een individuele geit

Houd rasidentiteit en gezondheid uit elkaar. Vraag voor de rasidentiteit naar de exacte naam, de identificatie van het dier en eventuele stukken van een rasorganisatie. AssoNaPa kent zoötechnische certificaten en verklaringen van raslidmaatschap. Vraag wat een getoond document precies verklaart en of de gegevens overeenkomen met het aangeboden dier. Zo’n document is geen gezondheidsverklaring. Bekijk de documentsoorten bij AssoNaPa.

Vraag daarnaast hoe oud het dier is, wat het eet, met welke geiten het leeft en welke informatie over gezondheid en klauwverzorging beschikbaar is. Bekijk het dier in beweging en let op gedrag, eetlust en ontlasting. Laat een dierenarts meekijken als je twijfelt over de gezondheid. Bekijk de observatiepunten van het LICG.

Regel vóór het houden van geiten een UBN voor de dierlocatie, ook als je ze als hobby houdt. Controleer bij overname de identificatie en zorg dat de aanvoer in het Nederlandse identificatie en registratiesysteem wordt gemeld. Een Italiaanse rasnaam vervangt deze Nederlandse verplichtingen niet. RVO legt het UBN uit; raadpleeg ook de regels voor identificatie en meldingen.