Praktische keuzehulp

Materialen voor afrastering berekenen en je lijst controleren

Materialen voor je afrastering berekenen begint met een route op papier: meet de rechte delen, markeer hoeken die delen met elkaar delen en teken poortopeningen apart. Daaruit volgen lengtes en paalposities. Welke bevestigingen, voeding en aarding je nodig hebt, bepaal je pas met de gegevens van het gekozen systeem. Bij een elektrische afrastering zijn geleider, palen, isolatoren, apparaat en aarding verschillende onderdelen. Bekijk de onderdelen bij Gallagher.

Houten afrasteringspalen, een rol draad, houten paaltjes, touw en een leeg vel papier op een werktafel.
Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Rechte delen, hoeken en poorten intekenen
  3. Aantal palen per afrasteringsdeel bepalen
  4. Geleiders en verbindingen per traject berekenen
  5. Isolatoren en bevestigingen aan de lijst toevoegen
  6. Aarding en voeding toetsen aan de handleiding
  7. Materialenlijst exporteren met openstaande vragen

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Jouw gegevens

Houd je tekening erbij. Je hebt de lengte van ieder deel in meters nodig, de gedeelde eindpunten, de plaats en breedte van poorten en het aantal geleiderijen. Noteer ook welke palen al aanwezig zijn. Is de geschikte paalafstand of een bevestigingsregel nog onbekend? Laat die hoeveelheid dan open in plaats van een standaardwaarde te gebruiken.

Rechte delen, hoeken en poorten intekenen

Geef elk hoekpunt, uiteinde en elke zijde van een poort een naam. Teken rechte delen tussen die punten. Een poort in een zijde verdeelt die zijde in een deel vóór de opening, de opening zelf en een deel erna. Bewaar de omtrek apart van de lengte waar vaste geleiders lopen: de opening hoort wel bij de omtrek, maar niet automatisch bij dezelfde rol draad, lint of koord.

Bij een elektrische afrastering vraagt ook de geleiding voorbij de poort aandacht. Gallagher beschrijft daarvoor een verbinding onder de doorgang; de passende uitvoering hangt af van de gekozen opbouw en het apparaat. Zet die verbinding voorlopig als aparte regel op je lijst. Lees de toelichting voor doorgangen.

Voorbeeld: vier zijden met één poort

Stel dat je een vierkant tekent met vier zijden van 12 m. De omtrek is 48 m. In één zijde teken je, tussen twee nieuwe poortposities, een opening van 2 m. Langs de overige rechte delen blijft 46 m over. De vier hoeken en twee poortposities vormen zes verschillende vaste paalposities. Het aantal tussenpalen kun je nog niet bepalen zonder een geschikte maximale paalafstand.

Een extra poort verandert de opgegeven omtrek niet vanzelf. Leg eerst de plaats en breedte vast en werk dan de aangrenzende delen bij. Zo verandert de lengte met vaste geleiders alleen waar de tekening daadwerkelijk verandert.

Aantal palen per afrasteringsdeel bepalen

Heb je voor een recht deel een geschikte maximale afstand tussen palen vastgesteld? Deel dan de lengte van dat deel door die afstand en rond het aantal tussenruimtes naar boven af. Bij een deel met een beginpaal en een eindpaal is het aantal tussenpalen één minder dan het aantal tussenruimtes. Tel gedeelde eindpunten vervolgens maar één keer als fysieke paal. De paalkeuze en opbouw verschillen per afrasteringssysteem; gebruik een voorbeelda fstand niet als plaatsingsadvies. Bekijk Gallaghers uitleg over paalsoorten.

Rekenvoorbeeld met twee rechte delen die één hoek delen
Invoer Uitkomst van de rekensom
Twee delen van elk 9 m 18 m getekende afrastering en drie unieke eindpunten, waaronder de gedeelde hoek
Uitsluitend voor dit voorbeeld gekozen maximum van 3 m tussen palen Drie tussenruimtes en twee tussenpalen per deel
Twee tussenpalen per deel en drie unieke eindpunten Zeven paalposities in totaal

De 3 m is een fictieve rekeninvoer, geen aanbevolen afstand. Trek bestaande, bruikbare palen pas van de inkooplijst af nadat je ze op de tekening hebt gemarkeerd. Houd hoekpalen, poortpalen en tussenpalen op afzonderlijke regels: zeven posities betekenen niet zeven gelijke producten.

Geleiders en verbindingen per traject berekenen

Tel de meters rechte afrastering waar één geleiderij loopt. Vermenigvuldig die lengte met het aantal rijen van dezelfde uitvoering. In het vierkante voorbeeld is dat bij twee gelijke rijen 2 × 46 = 92 m basislengte. Loopt een rij niet overal door, bereken dan de afzonderlijke trajecten. Houd lint, koord en draad op aparte regels.

Voeg aansluitlengte of reserve alleen toe als je die zelf hebt bepaald. Een hoek op de tekening is niet automatisch een las: tel verbinders waar stukken geleider werkelijk worden verbonden. Noteer poortverbindingen, aansluitingen en eventuele spanners apart. Pas als de uitvoering en de opgegeven rollengte bekend zijn, kun je de benodigde meters per uitvoering door de rollengte delen en het aantal rollen naar boven afronden.

Isolatoren en bevestigingen aan de lijst toevoegen

Noteer per paalpositie welke geleiderijen erlangs lopen. Verdeel de bevestigingspunten daarna naar rechte stukken, hoeken, uiteinden en poorten. De gedeelde hoek uit het eerste voorbeeld blijft één paalpositie, terwijl de aankomende en vertrekkende richting allebei aandacht vragen. Vul het aantal onderdelen voor die hoek pas in als de gekozen constructie bekend is.

Een bevestiging moet passen bij de geleider, de paal en haar functie. Sommige paalsystemen hebben geen losse isolatoren nodig. Een vaste regel van één gewone isolator per paal en rij zou daarom misleidend zijn. Vergelijk de toepassingen van isolatoren en controleer het gekozen paalsysteem. Ken je de passende uitvoering en verpakkingsinhoud, dan rond je benodigde stuks gedeeld door stuks per verpakking naar boven af.

Aarding en voeding toetsen aan de handleiding

Bij een elektrische afrastering volgt uit de omtrek alleen niet welk apparaat of hoeveel aardmateriaal nodig is. Noteer de beoogde stroombron en het apparaatmodel zodra je die hebt gekozen. Controleer de eisen voor voeding, aansluitkabel en aarding vervolgens in de bijbehorende handleiding. Gallagher vermeldt zelf dat de benodigde lengte en het aantal aardpennen afhangen van het schrikdraadapparaat. Bekijk de toelichting van de fabrikant.

Laat op de materialenlijst bijvoorbeeld ‘apparaat nog kiezen’ en ‘aarding volgens modelhandleiding controleren’ staan zolang die keuze open is. Een berekende materialenlijst is geen controle van de aangelegde elektrische afrastering.

Materialenlijst exporteren met openstaande vragen

Bewaar bij een export de namen van de punten op je tekening, de invoer en de gekozen uitvoeringen. Scheid berekende hoeveelheden van onderdelen die nog een productkeuze of handleiding vereisen. Dan kun je een wijziging in een poort of paalafstand verwerken zonder een ontbrekende keuze over het hoofd te zien.

Welke regels neem je mee op de materialenlijst?
Onderdeel Wat staat vast? Wat controleer je nog?
Route en poorten Gemeten delen, omtrek, plaats en breedte van openingen Opbouw van iedere doorgang
Palen Unieke hoekpunten en poortposities; bestaande palen apart Geschikte afstand en daardoor het aantal tussenpalen
Geleiders Basislengte per materiaal en uitvoering Aansluitlengtes, echte laspunten en rollengte
Bevestigingen Posities en geleiderijen per functie Passend onderdeel, aantal per constructie en verpakkingsinhoud
Elektrische onderdelen Waar aansluitingen nodig zijn Apparaat, voeding, poortverbinding en aarding volgens de gekozen handleiding

Voor het fictieve vierkant kun je dus al 48 m omtrek, een opening van 2 m, 46 m rechte afrastering, zes vaste paalposities en bij twee gelijke rijen 92 m basislengte vastleggen. De overige regels blijven zichtbaar totdat de ontbrekende keuzes zijn gemaakt.