Geiten

Dekking bij geiten verantwoord plannen

Een bruine en witte geit staat in een met stro bedekte ruimte. Achter het hek kijkt een vrouw toe met een gesloten notitieboek in haar hand.

Praktische gids

Dekking bij geiten verantwoord plannen

Plan een dekking bij geiten pas als je ook voor de mogelijke lammeren kunt zorgen. Bepaal eerst je doel en opvangplan. Laat daarna de geit en bok beoordelen, regel hun huisvesting en spreek af wie je om hulp kunt vragen. Een dekking geeft geen garantie op dracht of gezonde lammeren.

Een bruine en witte geit staat in een met stro bedekte ruimte. Achter het hek kijkt een vrouw toe met een gesloten notitieboek in haar hand.
Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Doel van de dekking, beschikbare zorg en verantwoordelijkheid voor geitenlammeren
  3. Gezondheid, geschiktheid en verwantschap van ouderdieren laten beoordelen
  4. Huisvesting, groepsindeling en omgang met de bok met deskundige hulp
  5. Gebeurtenissen rond de dekking vastleggen voor latere drachtbegeleiding
  6. Vermoedelijke dracht: aparte gidsen voor observatie en geboorte

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Markeringen bij de dekking

Dektuig van Nylon voor Schapen en Geiten

Dektuig van Nylon voor Schapen en Geiten

Dit dektuig voor geiten kan met een kleurblok zichtbare markeringen geven die je bij de observatie kunt meenemen.

Let op bij je keuze Je hebt er een passend kleurblok bij nodig; noteer een markering als waarneming, niet als bewijs van dracht.

Doel van de dekking, beschikbare zorg en verantwoordelijkheid voor geitenlammeren

Waarom wil je lammeren, en wat gebeurt er met ieder lam als het geboren wordt? Een geit kan meer dan één lam krijgen. Denk daarom ook aan ruimte en verzorging voor boklammeren en voor lammeren die niet naar hun beoogde nieuwe plek kunnen.

Beslischecklist vóór de dekking
Onderwerp Wat regel je vooraf? Wanneer wacht je?
Doel en lammeren Een reden voor de dekking en een opvangplan voor alle mogelijke lammeren. Als je alleen voor één gewenst lam een plek hebt.
Ouderdieren Beoordeling van de gezondheid en geschiktheid van geit en bok, plus duidelijkheid over hun afstamming. Als belangrijke gezondheidsgegevens of verwantschap onbekend zijn.
Ruimte Een passende groepsindeling, ook voor dieren die niet bij de bok mogen. Als je ongewenste ontmoetingen niet kunt voorkomen.
Hulp Een bereikbare dierenarts, duidelijke afspraken met de bokhouder en iemand die de zorg kan overnemen. Als niemand beschikbaar is om de dieren te verzorgen of problemen te bespreken.
Gegevens Een manier om de betrokken dieren en gebeurtenissen betrouwbaar te noteren. Als achteraf niet meer duidelijk zal zijn welke bok toegang had tot welke geit.

Maak ook een plan voor de periode vóór eventuele overdracht. Een toekomstige eigenaar neemt de dagelijkse zorg voor een lam niet alvast van je over.

Gezondheid, geschiktheid en verwantschap van ouderdieren laten beoordelen

Bespreek vóór de keuze van de combinatie de geit met een dierenarts die ervaring heeft met geiten. Vertel wat je hebt waargenomen en noem eerdere ziekte of problemen rond een geboorte. Geslachtsrijpheid alleen betekent niet dat een geit klaar is voor een dracht: volgens het LICG is het voor haar gezondheid belangrijk te wachten tot ze voldoende is uitgegroeid. Laat ook de bok beoordelen; ga niet alleen op zijn uiterlijk af.

Vraag naar de afstamming van beide dieren. Met geregistreerde gegevens kan een fokorganisatie verwantschap vóór een combinatie beoordelen. Zijn die gegevens onvolledig, bespreek dan met een deskundige fokorganisatie wat wel en niet te achterhalen is. Een berekening van verwantschap vervangt geen gezondheidsbeoordeling.

Komt de bok van een andere houder? Vraag naar de gezondheidssituatie van de herkomst en bespreek ziekteinsleep met je dierenarts voordat de dieren samenkomen. Royal GD wijst bij aanvoer van geiten op het risico van ziekteinsleep en het belang van navraag over de gezondheidsstatus.

Huisvesting, groepsindeling en omgang met de bok met deskundige hulp

Bepaal welke geiten wel en niet bij de bok mogen. Loop de afscheidingen, poorten en verplaatsroute na. Spreek met de bokhouder af wie de dieren hanteert, wie observeert en wanneer de dieren weer gescheiden worden.

Ook bij een tijdelijke andere groepsindeling hebben geiten passende huisvesting en contact met soortgenoten nodig. Let op een droge schuilplek, toegankelijke voerplaatsen en een afrastering die bij geiten past; het LICG licht deze behoeften toe. Vraag bij twijfel over de indeling advies voordat je de bok erbij laat.

Komen er bezoekers op je locatie, plan dan ook hoe je ze later bij lammerende dieren weghoudt. De NVWA beschrijft maatregelen tegen Q koorts voor onder meer bezoeklocaties en hobbyhouders: bezoekers mogen tijdens het aflammeren niet bij de dieren kunnen komen. Controleer daar welke aanvullende verplichtingen voor jouw houderij gelden.

Gebeurtenissen rond de dekking vastleggen voor latere drachtbegeleiding

Noteer per geit welk dier toegang had tot welke bok, wanneer dat kon en wat je daadwerkelijk hebt gezien. Is een dekking niet waargenomen, schrijf dan de periode van samenzijn op in plaats van een verzonnen precieze dekdatum. Het fokreglement voor de Nederlandse Boergeit maakt eveneens onderscheid tussen een genoteerde dekdatum en een periode waarin de bok bij de geiten liep. Dat is een rasgebonden reglement, geen algemene registratieregel voor alle geiten.

Bewaar bij je overzicht ook relevante gezondheidswaarnemingen en afspraken met de dierenarts. Deze praktische notities vervangen niet de officiële administratie. RVO beschrijft het bedrijfsregister en de meldingen voor geiten, waaronder geboorte, aanvoer en afvoer. Kijk welke termijnen op jouw situatie van toepassing zijn.

Vermoedelijke dracht: aparte gidsen voor observatie en geboorte

Ook na een waargenomen dekking weet je nog niet of de geit drachtig is. Bespreek met je dierenarts of en hoe je dat laat controleren. Gebruik je notities bij dat gesprek.

Voor het volgen van een vermoedelijke dracht en de voorbereiding op de geboorte zijn afzonderlijke gidsen bedoeld. Regel intussen wie de dieren observeert en wie je bij zorgen kunt bereiken; stel een beslissing daarover niet uit tot de geboorte begint.