Nicastrese geit: rasidentiteit, kenmerken en verzorging
Rassenwijzer
Nicastrese geit: rasidentiteit, kenmerken en verzorging
De Nicastrese is een geitenras uit Calabrië, vernoemd naar Nicastro, tegenwoordig deel van Lamezia Terme. De rasbeschrijving noemt een zwarte vacht met witte aftekeningen. Dat uiterlijk alleen bewijst niet dat een aangeboden geit een Nicastrese is. Vergelijk de kenmerken en vraag naar documenten die bij het individuele dier horen. Bekijk de Italiaanse rasbeschrijving van AssoNaPa.

Nicastrese; in het regionale besluit Capra nicastrese.
De omgeving van Nicastro, nu deel van Lamezia Terme, in Calabrië.
Voornamelijk zwart, met wit aan onder meer buik, poten en kop.
Vooral melk; AssoNaPa noemt ook vlees van de lammeren.
Inhoudsopgave
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Een extra voerplek

Voerbak voor Paarden, 6 l, Zwart – Vplast
Deze voerbak is volgens de productbeschrijving ook voor geiten bedoeld en kan helpen om het voer over meer plekken te verdelen.
Let op bij je keuze Controleer of je de bak stevig kunt plaatsen en of ook een geit die wordt weggejaagd erbij kan.
Palen voor de afrastering

Kunststof Instappaal, 105 cm, Wit – ZoneGuard
Deze instappaal heeft ogen waarmee je draad, koord of lint langs een gekozen afrasteringslijn kunt plaatsen.
Let op bij je keuze Controleer of de hoogte en de volledige afrastering geschikt zijn voor jouw geiten, vooral als ze hoorns hebben.
Rasnaam en herkomst: registratie, synoniemen en regio
AssoNaPa vermeldt Nicastrese bij de Italiaanse geitenrassen in zijn programma voor behoud. De regio Calabrië schreef Capra nicastrese op 6 december 2023 in haar regionale biodiversiteitsregister in. Dat zijn bronnen voor de rasnaam, geen bewijs voor de afstamming van ieder dier met die naam in een advertentie. Bekijk de rassenlijst en het regionale besluit.
| Onderwerp | Wat de Italiaanse bronnen beschrijven |
|---|---|
| Naam | Nicastrese; in het regionale besluit Capra nicastrese. |
| Herkomst | De omgeving van Nicastro, nu deel van Lamezia Terme, in Calabrië. |
| Uiterlijk | Voornamelijk zwart, met wit aan onder meer buik, poten en kop. |
| Gebruik | Vooral melk; AssoNaPa noemt ook vlees van de lammeren. |
De regionale documentatie noemt Catanzaro, Cosenza en Reggio Calabria als gebieden waar het ras wordt gehouden. Sommige fokkers gebruiken de bijnaam jèlina vanwege het kleurpatroon. Het is geen vervanging voor een document dat een specifiek dier identificeert. Niet iedere geit uit Calabrië is een Nicastrese. Lees de regionale rasbeschrijving.
Uiterlijke kenmerken en variatie volgens rasdocumentatie
Let op de combinatie van kenmerken. De Italiaanse rasbeschrijving noemt:
- Vacht: zwart met wit aan buik, poten en delen van de kop. Het wit aan de buik kan langs de flanken doorlopen.
- Kop: doorgaans twee witte strepen met een donkere strook ertussen.
- Beharing: bij geiten lang en glad, bij bokken ruwer.
- Hoorns en oren: hoorns zijn meestal aanwezig, maar kunnen ontbreken. Oren zijn vaak middelgroot en hangen iets naar voren; ook andere oorstanden komen voor.
De rasfiche van AssoNaPa geeft voor volwassen geiten 71 cm schofthoogte en 46 kg, en voor volwassen bokken 78 cm en 78 kg. Dit zijn tabelwaarden uit de Italiaanse rasfiche, geen minimumeisen voor een individueel dier. Een passende kleur, maat of oorstand blijft dus een aanwijzing, geen afstammingsbewijs.
Gedocumenteerd gebruik en eisen aan de houderij
AssoNaPa beschrijft melk en vlees als gebruik van het ras; de regionale beschrijving legt vooral de nadruk op melk. Daaruit kun je geen melkopbrengst, karakter of geschiktheid voor jouw situatie afleiden voor een dier dat je wilt overnemen. Beoordeel dat dier afzonderlijk en kijk eerst of je plek geschikt is voor geiten. Bekijk het gedocumenteerde gebruik.
Welke plek is geschikt?
| Wat je hebt | Wat je nog controleert |
|---|---|
| Een stal en uitloop | Kunnen alle geiten tegelijk droog rusten en naar buiten? |
| Een bestaande omheining | Zijn er doorgangen of openingen waarin vooral gehoornde dieren vast kunnen raken? |
| Een groep dieren | Kan ook een geit die bij het voeren wordt weggedreven bij voer en water komen? |
Deze vragen sluiten aan bij de algemene aandachtspunten voor geiten van het LICG. Regel ontbrekende voorzieningen voordat de dieren komen.
Groep, voer, water, onderdak en omheining
Een Nicastrese heeft in Nederland dezelfde basiszorg voor geiten nodig als andere geiten. Gebruik de behoeften van de dieren en de omstandigheden op jouw terrein als uitgangspunt. Het LICG beschrijft de algemene verzorging van geiten.
- Groep: houd geiten met soortgenoten. Zie je dat één dier telkens van het voer wordt weggejaagd, zorg dan voor meer toegankelijke voerplekken.
- Voer: bied passend ruwvoer aan, waaronder hooi. Controleer of er geen giftige planten tussen zitten en verander het rantsoen geleidelijk. Kies aanvullend voer op basis van het dier en de productinformatie, niet op basis van de rasnaam alleen.
- Water: zorg dat iedere geit steeds vers drinkwater kan bereiken.
- Onderdak: bied een droge rustplek en beschutting tegen regen en felle zon. Controleer of de hele groep in de stal kan rusten.
- Omheining: loop het gaas en de sluitingen na. Let op openingen waar een gehoornde geit haar kop doorheen kan steken en houd klimmogelijkheden weg van de rand.
- Dagelijks kijken: let op eten, bewegen en zichtbare wondjes. Is een dier plots sloom, trekt het zich terug of vermoed je ziekte, neem dan contact op met een dierenarts.
Wat heb je aan verzorgingsmateriaal nodig?
Begin bij wat er op jouw terrein ontbreekt: voldoende bereikbare voerplekken, schoon drinkwater en een veilige omheining. Voor verzorgingsartikelen kun je de categorie schapen en geiten bij Farmora bekijken. Controleer per artikel of het voor geiten en voor de beoogde toepassing bedoeld is; de categorie bevat ook artikelen die specifiek voor schapen zijn.
Rasidentiteit controleren: documenten en uitleg bij de feitenkaart
De feitenkaart hierboven beschrijft het ras, niet de afstamming van een aangeboden dier. Vraag de verkoper welk document specifiek bij dat dier hoort. Vergelijk de identificatiecode op het dier met de code in de overdrachtsgegevens en vraag hoe de verkoper de herkomst en eventuele rasregistratie onderbouwt.
Vraag bij een verwijzing naar AssoNaPa ook in welke registratiesectie het dier staat. Het programma onderscheidt een zoötechnisch certificaat voor dieren in bepaalde secties van een attest voor dieren die op basis van kenmerken aan een ras zijn gekoppeld. Zo’n attest geeft niet dezelfde informatie over afstamming. Lees de documentregels van AssoNaPa.
De Nederlandse registratie staat hier los van. Ook hobbyhouders van geiten hebben volgens RVO een UBN voor hun dierlocatie nodig. RVO beschrijft daarnaast de identificatiemiddelen en het melden van onder meer aanvoer en import. Die administratie volgt het dier, maar is op zichzelf geen bewijs van rasafstamming. Komt het dier uit Italië, controleer dan vóór het vervoer welke actuele documenten en procedures voor die verplaatsing gelden. Ontbreekt een controleerbare koppeling tussen het dier en de opgegeven rasdocumenten, beschouw de rasnaam dan als een nog niet bevestigde opgave.