Schapen

Dood schaap gevonden: de eerste controles en contacten

Een schapenhouder staat met een telefoon aan het oor bij een houten hek en kijkt naar drie schapen in de wei.

Praktische gids

Dood schaap gevonden: de eerste controles en contacten

Vind je een dood schaap in je eigen kudde in Nederland? Kijk eerst van een veilige plek hoe de andere schapen eraan toe zijn. Bel direct de dierenarts als je ook zieke dieren ziet, meer dieren plotseling zijn gestorven of je je zorgen maakt. Regel vervolgens de aanmelding van het kadaver bij Rendac én de afzonderlijke doodmelding in I&R. De ene melding vervangt de andere niet.

Een schapenhouder staat met een telefoon aan het oor bij een houten hek en kijkt naar drie schapen in de wei.
Inhoudsopgave
  1. De kudde veilig observeren en spoed met de dierenarts beoordelen
  2. De dierenarts bellen en bevoegde meldkanalen onderscheiden
  3. Dieridentificatie, tijdstip en waarnemingen vastleggen
  4. Officiële regels voor bewaren, melden en afvoer in Nederland
  5. Bevestigingen controleren en vervolginstructies bijhouden

De eerste uren: observeer de kudde, overleg bij zorgen met de dierenarts, noteer wat je weet en regel daarna de juiste meldingen. Vermoed je een meldingsplichtige dierziekte, neem dan ook direct contact op met de NVWA.

De kudde veilig observeren en spoed met de dierenarts beoordelen

Kijk voordat je de plek benadert of dat veilig kan. Observeer de andere schapen: staan en bewegen ze zoals gewoonlijk, of zie je dieren die zich afzonderen, sloom zijn of anders reageren? Kijk ook of er meer dieren zijn gestorven. Zulke waarnemingen helpen de dierenarts; ze vertellen je niet wat de doodsoorzaak is. Het LICG adviseert een dierenarts te waarschuwen als je vermoedt dat een schaap ziek is.

Zijn er afwijkingen of meerdere onverwachte sterfgevallen, bel dan direct de dierenarts en vertel wat je ziet. Zie je bij de andere schapen niets bijzonders, blijf ze dan volgen. Overleg ook bij een onverwacht overlijden of twijfel over de vervolgstap met je dierenarts. Vraag bij zorgen over een dierziekte wat je met de vindplaats en het kadaver moet doen voordat je het verplaatst.

De dierenarts bellen en bevoegde meldkanalen onderscheiden

Deze contacten hebben elk een ander doel. Een melding bij Rendac is geen doodmelding in I&R. Ook vervangt geen van beide een noodzakelijke dierziektemelding bij de NVWA. RVO legt het onderscheid tussen Rendac en I&R uit; bij een vermoeden van een meldingsplichtige ziekte verwijst de NVWA naar het Landelijk meldpunt dierziekten.

Wie benader je na een sterfgeval in je eigen kudde?
Contact Waarvoor? Wat vertel je?
Dierenarts Beoordeling van zorgen over de kudde en de urgentie Wanneer en waar je het dier vond, hoeveel dieren betrokken zijn en wat je bij de andere schapen ziet
NVWA, bij een vermoeden van een meldingsplichtige dierziekte Melding en instructies via het Landelijk meldpunt dierziekten De concrete waarnemingen en de vindplaats
Rendac Aanmelding en ophalen van het kadaver De locatie en de gegevens die Rendac voor de aanmelding vraagt
RVO via I&R Registratie van de dood van het schaap Het UBN, de identificatiecode van het dier en de datum

Je kunt een kadaver volgens Rendac via de website, de app of telefonisch aanmelden. Is er een concrete verdenking van een meldingsplichtige dierziekte, wacht dan met het contact met de NVWA niet op de afhandeling van de andere meldingen.

Dieridentificatie, tijdstip en waarnemingen vastleggen

Schrijf op wanneer je het schaap vond en wanneer je het voor het laatst levend zag. Noteer de vindplaats, het aantal gestorven dieren, bijzonderheden bij de overige schapen en met wie je wanneer hebt gesproken. Ken je het tijdstip van overlijden niet, presenteer de vindtijd dan niet als het tijdstip van overlijden.

Voor de doodmelding vraagt RVO het UBN van de locatie, de identificatiecode van het schaap en een datum. De identificatiecode bestaat uit de landcode en het levensnummer. Kun je het dier of de juiste datum niet betrouwbaar vaststellen, raadpleeg dan je eigen administratie en vraag RVO hoe je correct meldt. Vul geen gegevens op goed geluk in.

Officiële regels voor bewaren, melden en afvoer in Nederland

Voor een gehouden schaap geldt in Nederland de kadaverroute voor landbouwhuisdieren en hobbydieren, niet de algemene route voor overleden gezelschapsdieren. Volgens de NVWA meld je het kadaver uiterlijk op de eerstvolgende werkdag na het overlijden bij Rendac aan. Bied het aan op de met Rendac afgesproken plaats, afgedekt, uit het zicht van voorbijgangers en onbereikbaar voor onder meer vogels, knaagdieren, honden en katten.

Ga niet uit van een eigen afvalroute of van langere opslag. De NVWA beschrijft alleen voor bepaalde kadavers een uitzondering voor gekoeld bewaren onder voorwaarden en met een vaste ophaaldag. Vraag bij twijfel over de aanbiedplaats of een uitzonderlijke situatie rechtstreeks om instructies. Heb je een vermoeden van een meldingsplichtige dierziekte, stem dan ook af met de dierenarts en de NVWA hoe je handelt.

Geef de dood van het schaap daarnaast binnen zeven kalenderdagen na het overlijden door in I&R. Rendac doet die registratie niet voor je. De termijnen en de gegevens voor deze afzonderlijke melding staan bij RVO.

Bevestigingen controleren en vervolginstructies bijhouden

Controleer na het melden of beide handelingen zijn afgerond. In I&R kan een melding eerst de status ‘Voorlopig’ hebben. Geeft RVO de status ‘Inconsistent’, kijk dan op het dashboard wat je moet herstellen. Ook als iemand anders voor je meldt, blijf je zelf verantwoordelijk voor de gegevens. RVO licht de statussen en verantwoordelijkheid toe.

  • Noteer dat je het kadaver bij Rendac hebt aangemeld, welke aanbiedplaats is afgesproken en of het is opgehaald.
  • Controleer in I&R het juiste dier, het UBN, de datum en de status van de melding.
  • Schrijf adviezen van de dierenarts en eventuele instructies van de NVWA op, met de afgesproken vervolgstap.
  • Blijf de andere schapen observeren en meld nieuwe afwijkingen aan de dierenarts.