Schapen

Thônes et Marthod schaap: uiterlijk, gebruik en verzorging

Rassenwijzer

Thônes et Marthod schaap: uiterlijk, gebruik en verzorging

Het Thônes et Marthod schaap is een ras uit de Franse Savoie. De Franse rasbeschrijving noemt witte wol, donkere aftekeningen rond de kop en brede, draaiende hoorns bij ooien én rammen. Het ras wordt gehouden voor melk en lammeren. Wil je deze schapen zelf houden, kijk dan niet alleen naar hun uiterlijk: maak eerst een plan voor een groep dieren, hun weide en de terugkerende verzorging. Bekijk de rasbeschrijving van CORAM.

Naam

Thônes et Marthod, met een accent op Thônes en een h in Marthod.

Herkomst

De Franse Savoie.

Gebruik

Melk en lammeren.

Volwassen gewicht

Volgens CORAM ongeveer 55 tot 65 kg voor ooien en 70 tot 80 kg voor rammen.

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Rasnaam, herkomst en erkende rasbeschrijving
  3. Uiterlijk en variatie binnen het ras
  4. Gebruik en omgang met dit schapenras
  5. Terrein, voer, water, vacht en klauwverzorging
  6. Een kudde samenstellen: herkomst en geschiktheid van het erf

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Rasnaam, herkomst en erkende rasbeschrijving

De naam verwijst naar Thônes en Marthod, twee plaatsen in de Franse Savoie. De Franse vereniging van fokkers beheert de selectie van het ras. Dat geeft je een aanknopingspunt voor herkomstonderzoek, maar een schaap met de juiste kleuren is niet automatisch een dier met aantoonbare afstamming. Races de France beschrijft de rasorganisatie.

Het ras in het kort
Onderwerp Rasbeschrijving
Naam Thônes et Marthod, met een accent op Thônes en een h in Marthod.
Herkomst De Franse Savoie.
Gebruik Melk en lammeren.
Volwassen gewicht Volgens CORAM ongeveer 55 tot 65 kg voor ooien en 70 tot 80 kg voor rammen.

De gewichten beschrijven het ras; ze zijn geen streefgewicht voor een individueel dier. CORAM geeft de kenmerken en gewichten.

Uiterlijk en variatie binnen het ras

De kop is volgens de Franse beschrijving fijn, met een rechte of licht gebogen neus. Donkere aftekeningen zitten onder meer rond de ogen, op de snuit en oren en aan de uiteinden van de poten. De hoorns vormen bij beide geslachten een brede, horizontale spiraal. Jonge dieren kunnen sterk gekrulde wol hebben; bij volwassen dieren beschrijft CORAM langere lokken en een grovere vacht. Kijk dus naar het geheel van kenmerken en vraag voor zekerheid over de afstamming naar de papieren van het dier. Lees de uiterlijke rasbeschrijving.

Gebruik en omgang met dit schapenras

In de Franse houderij wordt het ras voor melk en lammeren gebruikt, ook in gebieden met zomerse bergweiden. CORAM omschrijft de schapen als rustig. Dat zegt iets over de beschreven rascontext, niet over hoe een dier dat jij bezoekt op mensen reageert. Vraag de houder daarom hoe de dieren gewend zijn te worden geleid en verzorgd, en bekijk dat bij een bezoek. CORAM beschrijft het gebruik en de houderij.

Bespreek vóór aanschaf wie helpt bij het scheren en de klauwverzorging. Wil je ooien laten lammeren, bespreek dan ook wie daarbij toezicht houdt. Zo beoordeel je de werkzaamheden die bij jouw plannen horen, zonder een karakter of verzorgingsgemak aan ieder dier van het ras toe te schrijven.

Terrein, voer, water, vacht en klauwverzorging

Ook een ras dat in berggebieden wordt gehouden, heeft op een Nederlands erf een geschikte weide en verzorging nodig. Schapen leven in een groep. Zorg voor graasruimte, vers drinkwater en een plek die beschutting biedt tegen hevige regen en warme zon. Gras en hooi zijn ruwvoer voor schapen; stem aanvullend voer af op de dieren en hun levensfase. Het LICG licht de huisvesting en voeding van schapen toe.

Wat controleer je op het erf?

  • Weide en toegang: loop de afrastering en doorgangen na. Kijk bij gehoornde dieren ook of ze niet gemakkelijk met hun kop vast kunnen raken.
  • Voer en water: kijk dagelijks of de dieren kunnen drinken en voldoende passend voer hebben. Beoordeel de conditie niet alleen op het silhouet: wol kan gewichtsverlies verhullen.
  • Vacht en klauwen: bekijk de wol, huid en manier van lopen. Bespreek het scheren met een ervaren scheerder en laat je bij klauwverzorging helpen als je die nog niet beheerst.
  • Gezondheid: let op een dier dat zich afzondert, sloom is, kreupel loopt of een vervuild achterlijf heeft. Neem contact op met een dierenarts als je ziekte vermoedt.

Dit zijn observaties voor de gewone verzorging, geen vaste behandelkalender. Het LICG beschrijft waarom conditie, scheren, klauwen en afwijkend gedrag aandacht verdienen. Lees de verzorgingsinformatie van het LICG.

Een kudde samenstellen: herkomst en geschiktheid van het erf

Begin met de vraag of je erf geschikt is voor meerdere schapen; één schaap alleen houden past niet bij hun groepsgedrag. Loop vervolgens een gewone verzorgingsronde in gedachten na. Kun je de dieren ook bij nat weer bereiken? Waar kunnen ze drinken en schuilen? Is er een plek waar een scheerder of dierenarts veilig bij een dier kan komen? De antwoorden zijn nuttiger dan een algemene uitspraak dat een bergras zich overal wel redt. Het LICG beschrijft de groepshouding van schapen.

Vragen voordat je dieren reserveert
Op je erf Wat beslis je vooraf?
Er is alleen plaats voor één schaap. Stel de aanschaf uit totdat je een groep soortgenoten kunt houden.
Er zijn smalle doorgangen. Bekijk of gehoornde dieren er zonder vast te raken doorheen kunnen.
De weide is in een natte periode lastig bereikbaar. Bepaal hoe je toch dagelijks voer, water en dieren kunt controleren.

Vraag bij een aangeboden groep naar de identificatie van ieder schaap en naar de gegevens van de vorige houder. Is aantoonbare rasafstamming belangrijk voor je, vraag dan om controleerbare afstammingsgegevens; kleur en hoornvorm alleen zijn daarvoor onvoldoende. Voor het houden van schapen in Nederland heb je ook bij hobbyhouding een UBN voor de locatie nodig. Een aanvoer van een Nederlandse houder meld je volgens de regels in het systeem voor identificatie en registratie. RVO legt uit wanneer een UBN nodig is en hoe je schapen meldt.

Komen de dieren rechtstreeks uit Frankrijk, bespreek dan vóór de koop wie verantwoordelijk is voor de verplaatsing. Voor invoer uit een ander EU land gelden diergezondheidseisen, registratie van de zending in TRACES en een gezondheidscertificaat. Volgens RVO behouden schapen uit een ander EU land hun eigen oormerk en meld je ze binnen zeven kalenderdagen na import aan in het Nederlandse registratiesysteem. Controleer vóór vertrek ook of tijdelijke aanvullende eisen gelden. Bekijk de eisen bij de NVWA en de importmelding bij RVO.