Ziekteverschijnselen bij geiten opmerken en observaties voorbereiden
Praktische gids
Ziekteverschijnselen bij geiten opmerken en observaties voorbereiden
Ziekteverschijnselen bij geiten merk je vaak op doordat een dier afwijkt van zijn gewone gedrag. Kijk daarom dagelijks naar iedere geit: komt ze bij het voer, reageert ze zoals anders en beweegt ze normaal? Schrijf op wat je ziet en wanneer het begon. Vermoed je dat een geit ziek is, bel dan de dierenarts. Bij ademnood, niet kunnen opstaan, niet meer eten of een plots opvallend bolle buik wacht je niet tot de observatiekaart af is. LICG over de verzorging van geiten; De Geitendokter over bellen bij veranderingen.

Inhoudsopgave
- Producten bij deze gids
- De gewone routine en verschillen tussen geiten kennen
- Gedrag, voeropname, ogen en beweging dagelijks observeren
- Afwijkingen noteren met tijdstip, betrokken dieren en recente wijzigingen
- De dierenarts laten beoordelen welke waarnemingen spoed hebben
- Aparte gidsen voor diarree, parasieten en clostridium
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Een vaste voerplek

Voerbak voor Paarden, 6 l, Zwart – Vplast
Deze voerbak is ook bedoeld voor geiten en geeft je een vaste plek om tijdens de dagelijkse ronde te kijken wie bij het voer komt.
Let op bij je keuze Let erop of iedere geit bij de bak kan komen, ook als een ander dier haar wegjaagt.
De gewone routine en verschillen tussen geiten kennen
Een verandering valt eerder op als je weet wat voor deze geit gebruikelijk is. Kijk bijvoorbeeld wie normaal meteen naar het voer loopt, wie liever wat afstand houdt en hoe ieder dier beweegt wanneer de groep naar buiten gaat. Vergelijk een geit dus niet alleen met haar groepsgenoten, maar ook met haar eigen gewone gedrag.
Let bij het voeren op de situatie. Een dier dat van de voerplaats wordt weggejaagd, krijgt mogelijk minder gelegenheid om te eten. Een dier dat wel bij het voer kan maar geen belangstelling toont, laat iets anders zien. Noteer wat er gebeurt zonder daar meteen een oorzaak aan te verbinden. De rangorde in een groep kan de toegang tot voer beïnvloeden. LICG over gedrag bij de voerplaats.
Gedrag, voeropname, ogen en beweging dagelijks observeren
Kijk eerst rustig hoe de geiten zich uit zichzelf gedragen. Gebruik daarna dezelfde aandachtspunten voor ieder dier. Zo wordt ook duidelijk wat je niet hebt kunnen zien: ‘niet gezien’ is iets anders dan ‘gebeurde niet’. Het LICG noemt onder meer levendigheid, eetlust, afzondering, houding en ontlasting als aandachtspunten bij de controle van geiten. LICG over dagelijkse controle en gezondheid.
| Onderdeel | Wat bekijk je? | Voorbeeld van een feitelijke notitie |
|---|---|---|
| Gedrag | Reactie op je komst, activiteit en contact met de groep. | ‘Blijft in de stal staan terwijl de andere geiten naar buiten gaan.’ |
| Eten en herkauwen | Komt de geit bij het voer, zie je haar eten en later herkauwen? | ‘Staat bij het hooi maar neemt geen hap.’ |
| Ogen | Kijk naar tranen, uitvloeiing en het dichtknijpen van een oog. | ‘Knijpt het linkeroog dicht’; beschrijf wat je ziet, niet welke ziekte je vermoedt. |
| Beweging en houding | Opstaan, lopen, belasting van de poten en stand van kop en rug. | ‘Belast de rechtervoorpoot minder tijdens het lopen.’ |
| Mest en achterhand | Verandering in de mest of een opvallend vervuilde achterhand. | ‘Achterhand is sinds vanochtend vervuild.’ |
| De groep | Zie je dezelfde verandering bij één dier of bij meer geiten? | Noteer welke dieren betrokken zijn. |
De voorbeeldzinnen zijn denkbeeldig. Aan een afwijkend oog alleen kun je de oorzaak niet vaststellen; beschrijf welk oog verandert en laat de dierenarts beoordelen wat er nodig is. MSD Veterinary Manual over onderzoek van het oog.
Afwijkingen noteren met tijdstip, betrokken dieren en recente wijzigingen
Houd je notitie kort genoeg om haar ook tijdens een telefoongesprek te kunnen gebruiken. Gegevens over het dier, het begin van klachten en de andere betrokken dieren helpen om de situatie helder over te brengen. Ook Royal GD vraagt bij onderzoek naar ziekteverschijnselen, voorgeschiedenis en aantallen getroffen dieren. Royal GD, gegevens bij onderzoek van schapen en geiten.
Wat zet je in de belnotitie?
- Tijd: wanneer zag je de verandering voor het eerst en wanneer deed de geit voor het laatst zoals gewoonlijk?
- Dieren: om welke geit gaat het, wat is haar leeftijd en zie je iets vergelijkbaars bij andere dieren?
- Waarneming: wat verandert er aan gedrag, eten, ogen, houding, beweging of mest? Schrijf ‘niet gezien’ als je iets niet kon beoordelen.
- Verloop: blijft het hetzelfde, wordt het duidelijker of komen er signalen bij?
- Omstandigheden: veranderde er onlangs iets aan voer, weide, huisvesting of samenstelling van de groep?
Een foto of kort filmpje kan helpen als een verandering lastig te beschrijven is, zolang je het dier daarvoor niet hoeft op te jagen. Is de geit duidelijk in nood, bel dan eerst en vul je notitie later aan.
De dierenarts laten beoordelen welke waarnemingen spoed hebben
Bel direct bij duidelijke ademnood of als een geit niet overeind komt. Bel ook als ze niet meer eet of als haar buik plots opvallend opzet. Vertel meteen wat je ziet, om welk dier het gaat en sinds wanneer het speelt. De dierenarts beoordeelt hoe dringend onderzoek nodig is. De Geitendokter noemt niet eten en een afwijkend bolle buik redenen om te bellen; veterinaire richtlijnen voor geiten en schapen noemen onder meer ademhalingsproblemen en niet kunnen opstaan als redenen om een dierenarts in te schakelen. De Geitendokter; UC Davis, veterinaire handreiking voor geiten en schapen.
Bel ook bij andere veranderingen als je vermoedt dat een geit ziek is. Meld een oog dat dichtgeknepen blijft, opvallende uitvloeiing of nieuwe kreupelheid. Vraag tijdens het gesprek welke veranderingen je verder moet volgen en wanneer je opnieuw contact moet opnemen. Een ingevulde kaart ondersteunt het overleg, maar vervangt geen beoordeling door de dierenarts. LICG over wanneer je de dierenarts waarschuwt; UC Davis over signalen bij geiten en schapen.
Aparte gidsen voor diarree, parasieten en clostridium
Deze observatiekaart helpt je algemene veranderingen te beschrijven; ze geeft geen diagnose. Diarree, vragen over parasieten en vragen over clostridium verdienen elk gerichte informatie. Bespreek klachten van een geit intussen met de dierenarts in plaats van op basis van één verschijnsel zelf een oorzaak te kiezen. Voor mogelijke parasieten kan de dierenarts bijvoorbeeld beoordelen of onderzoek nodig is. LICG over gezondheid en parasieten bij geiten.