Geiten

Geitenlammeren na de geboorte observeren en verzorgen

Praktische gids

Geitenlammeren na de geboorte observeren en verzorgen

Controleer na de geboorte eerst of de moedergeit en ieder lam een droge ligplek hebben en of de lammeren normaal ademen. Kijk vervolgens per lam of het de uier of afgesproken drinkplek bereikt en of je het daadwerkelijk ziet drinken. Is een lam zwak, ademt het niet normaal of blijft biestopname onzeker? Bel dan de dierenarts in plaats van op een volgende controle te wachten.

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Rust, een droge ligplek en toegang voor de moedergeit
  3. Moedergeit en elk lam apart observeren en signalen noteren
  4. Voedingsplan, colostrum en verdere zorg met de dierenarts afstemmen
  5. Geboortegegevens, observaties en identificatie vastleggen en lokale verplichtingen controleren
  6. Afwijkingen bij moeder of lammeren: wanneer de dierenarts bellen

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Lammeren tijdelijk markeren

Merkstift Groen, Draaibaar – Raidex

Merkstift Groen, Draaibaar – Raidex

Met een groene merkstift kun je lammeren tijdens de controles herkenbaar markeren en je waarnemingen per lam bijhouden.

Let op bij je keuze Noteer wat de markering betekent en koppel de gegevens later aan de officiële identificatiecode.

Rust, een droge ligplek en toegang voor de moedergeit

Zorg voor schoon, droog ligmateriaal en vervang nat of sterk vervuild strooisel. Geef de moedergeit toegang tot schoon drinkwater. Blijven de lammeren bij haar, kijk dan eerst op afstand of ze contact met hen maakt en of ieder lam bij haar kan komen. Zo kun je het gedrag volgen zonder het contact steeds te onderbreken. Voor jonge dieren is een droge plek bij kou extra belangrijk. De NVWA geeft advies over bescherming tegen kou; NC State Extension beschrijft observatie op afstand.

Worden de lammeren volgens het afgesproken houderijplan apart opgevangen? Controleer dan hun eigen ligplek en drinkplek. Ga niet uit van een drinkbeurt bij de moeder als ze niet samen zijn gehouden. Het MSD Veterinary Manual beschrijft beide vormen van opvang.

Moedergeit en elk lam apart observeren en signalen noteren

Kijk bij de moedergeit of ze alert is, wil eten en bij haar lammeren blijft als die bij haar worden gehouden. Let op opvallende uitvloeiing en noteer of je de nageboorte hebt gezien. Kijk bij ieder lam afzonderlijk naar ademhaling, activiteit en het bereiken van de uier of drinkplek. Dat één lam drinkt, vertelt je nog niet wat de andere lammeren hebben opgenomen. Deze aandachtspunten sluiten aan bij de observatiepunten van NC State Extension en de aandachtspunten voor de moedergeit van het MSD Veterinary Manual.

Observatiekaart voor moeder en ieder lam

Geef ieder lam in je eigen notities een herkenbare tijdelijke aanduiding totdat je de officiële identificatiecode kunt toevoegen. Schrijf ‘niet gezien’ als je een drinkbeurt niet hebt waargenomen. Gebruik voor iedere nieuwe waarneming een nieuwe regel.

Observatiekaart na de geboorte
Datum en tijd Dier Waarneming Drinken of gebeurtenis Vervolg
… Moedergeit: … Alertheid, eetlust, contact met lammeren, uitvloeiing: … Nageboorte gezien of niet gezien: … Volgende controle of overleg: …
… Lam A: … Ademhaling, activiteit, ligplek, toegang tot drinkplek: … Drinken gezien of niet gezien; voeding volgens plan: … Volgende controle of overleg: …
… Elk volgend lam afzonderlijk: … Ademhaling, activiteit, ligplek, toegang tot drinkplek: … Drinken gezien of niet gezien; voeding volgens plan: … Volgende controle of overleg: …

Heb je de dierenarts gesproken? Noteer wanneer je belde, wat je doorgaf, welk advies je kreeg en wanneer je opnieuw moet overleggen. Dan kan ook iemand anders de volgende controle uitvoeren.

Voedingsplan, colostrum en verdere zorg met de dierenarts afstemmen

Biest, ook colostrum genoemd, is de eerste melk. Ze levert afweerstoffen aan het pasgeboren lam. Vroege opname is belangrijk, omdat de opname van die afweerstoffen via de darm na de geboorte afneemt. Een lam bij de uier zien staan, bewijst nog niet hoeveel biest het heeft gekregen. Gezondheidsdienst voor Dieren legt het belang van biest en registratie uit.

Spreek met de dierenarts af hoe je per lam de biestopname volgt en wie je belt als drinken niet is gezien of het lam niet goed bij de drinkplek komt. Noteer bij een waargenomen drinkbeurt het tijdstip. Krijgt een lam voeding volgens een apart plan, noteer dan wat volgens dat plan is verstrekt en wanneer. Stem ook eventuele bijvoeding en navelzorg af op dat plan; kies bij twijfel niet zelf een middel of toedieningswijze. Gezondheidsdienst voor Dieren adviseert afspraken over biest en het vastleggen van opnamegegevens.

Geboortegegevens, observaties en identificatie vastleggen en lokale verplichtingen controleren

Noteer de geboortedatum, de moedergeit, het aantal lammeren en per lam je tijdelijke aanduiding, het geslacht en de observaties. Voeg later de officiële identificatiecode bij de gegevens van hetzelfde lam. Leg een eventuele doodgeboorte apart vast. Voor een officiële melding in Nederland zijn onder meer het UBN, de identificatiecode en de datum nodig. RVO beschrijft welke gegevens en meldingen nodig zijn.

Welke Nederlandse termijn geldt? Heeft een melkgeitenhouderij op enig moment in het jaar 50 melkgeiten of meer, dan moet de geboorte binnen 7 kalenderdagen worden gemeld. Voor overige geiten geldt een termijn van 6 maanden. Verlaat een lam eerder de locatie of gaat het eerder over de openbare weg, dan moet de geboortemelding vóór die verplaatsing zijn gedaan. RVO noemt voor het aanbrengen van een merk dezelfde termijnen en verlangt een merk vóór een eerdere verplaatsing. Geiten moeten twee goedgekeurde identificatiemiddelen hebben, waarvan minstens één elektronisch is. Controleer de toepasselijke regels bij RVO over melden en RVO over merken.

Voor een melkgeitenhouderij waarop de grens van 50 melkgeiten van toepassing is, moeten ook doodgeboren lammeren binnen 7 kalenderdagen worden gemeld. Noteer daarom bij een doodgeboorte de gegevens die RVO voor die melding vraagt. RVO licht deze meldplicht toe.

Wat leg ik per pasgeboren geitenlam vast?

Houd de tijdelijke aanduiding en later de officiële identificatiecode bij elkaar. Voeg per controle de tijd, het gedrag, waargenomen drinken en eventuele voeding volgens het zorgplan toe. Doe dit ook voor een bokje. Zo kun je bij overleg precies aangeven welk lam je bedoelt en wat je wel en niet hebt gezien.

Afwijkingen bij moeder of lammeren: wanneer de dierenarts bellen

Bel direct de dierenarts als een lam niet normaal ademt, nauwelijks reageert, niet overeind komt of duidelijk verzwakt. Bel ook meteen als een lam niet goed bij de drinkplek komt en onduidelijk blijft of het biest heeft gekregen. Een nat, koud en lusteloos lam vraagt eveneens om snelle beoordeling. Verminderde activiteit en niet drinken zijn beschreven waarschuwingssignalen; de NVWA noemt lusteloosheid een signaal van ernstige koudestress. Bekijk de observatiepunten van NC State Extension en de signalen van de NVWA.

Bel ook als de moedergeit ernstig sloom wordt, niet wil eten of een vies ruikende uitvloeiing heeft. Is de nageboorte niet verschenen zoals met de dierenarts besproken, leg dat dan voor; trek er niet aan. Vertel bij het bellen wanneer de geboorte was, om welk dier het gaat en welke veranderingen je hebt genoteerd. Het MSD Veterinary Manual beschrijft deze signalen en waarschuwt tegen het geforceerd verwijderen van de nageboorte.

Wanneer overleg ik over een lam dat anders reageert dan de overige lammeren?

Kijk naar je eerdere notities: is dit lam minder actief geworden, bereikt het de drinkplek niet of heb je het nog niet zien drinken? Neem contact op, zeker als je daarnaast zwakte, kou of afwijkende ademhaling ziet. Geef de waarnemingen van dit lam door, ook als de andere lammeren levendig zijn.