Paarden

Oldenburger paard: stamboek, kenmerken en verzorging

Bruin paard met zwarte manen en staart staat met het hele lichaam zichtbaar voor een houten stal.

Rassenwijzer

Oldenburger paard: stamboek, kenmerken en verzorging

Een Oldenburger paard herken je niet betrouwbaar aan zijn uiterlijk. Vraag naar de stamboekpapieren: OL registreert het Oldenburger Pferd, terwijl OS een afzonderlijk stamboek voert voor het Internationales Oldenburger Springpferd. Die fokrichting zegt iets over het fokdoel, maar voorspelt niet wat één paard kan of hoe het zich gedraagt. Lees hiervoor de fokregels van OL en de fokregels van OS.

Bruin paard met zwarte manen en staart staat met het hele lichaam zichtbaar voor een houten stal.
Officiële rasbenaming

Oldenburger Pferd

Organisatie van het oorspronkelijke stamboek

Verband der Züchter des Oldenburger Pferdes e.V.

Fokdoel

Een sportpaard met onder meer ruime, elastische bewegingen

Gewenste schofthoogte

Circa 160 tot 170 cm op driejarige leeftijd; geen maatgarantie voor een individueel paard

Inhoudsopgave
  1. Producten bij deze gids
  2. Stamboekregistratie en officiële rasbenaming
  3. Bouw en verschillen tussen Oldenburger paarden
  4. Fokrichting, gebruik en aanleg voor training
  5. Voer, beweging, hoeven, stal en tuig op maat
  6. Gegevens en begeleiding vóór de aanschaf

Handig bij deze gids

Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.

Het Oldenburger paard in het fokprogramma van OL
Officiële rasbenaming Oldenburger Pferd
Organisatie van het oorspronkelijke stamboek Verband der Züchter des Oldenburger Pferdes e.V.
Fokdoel Een sportpaard met onder meer ruime, elastische bewegingen
Gewenste schofthoogte Circa 160 tot 170 cm op driejarige leeftijd; geen maatgarantie voor een individueel paard

Dit zijn kenmerken uit het Duitse fokprogramma van OL, geen Nederlandse maatnorm of beschrijving van ieder geregistreerd paard.

Stamboekregistratie en officiële rasbenaming

Vraag bij een advertentie met ‘Oldenburger’ welk stamboek wordt bedoeld. OL en OS hebben elk een eigen officiële rasbenaming en stamboek. Ook voor de Alt Oldenburger bestaat een afzonderlijke fokvereniging. Een paard dat uit de streek Oldenburg komt, is dus niet alleen daarom als OL geregistreerd.

Vraag het originele paspoort én, als registratie of afstamming wordt geclaimd, de bijbehorende stamboekpapieren. Vergelijk het uitgelezen chipnummer met het paspoort. Kijk op de afstammingspapieren naar de vereniging, de rasnaam of het stamboek, het levensnummer en de vermelde ouders. Is de registratie onduidelijk, vraag dan de genoemde stamboekorganisatie om bevestiging. Het OL fokprogramma beschrijft welke gegevens in een afstammingsbewijs staan; RVO legt uit waarom het chipnummer bij het paspoort moet passen. Een paspoort en chip op zichzelf bewijzen geen OL of OS registratie.

Bouw en verschillen tussen Oldenburger paarden

OL streeft naar een harmonieus gebouwd rijpaard met correct beenwerk en ruime, elastische gangen. Het fokprogramma laat alle kleuren toe en staat onder voorwaarden ook fokdieren uit andere populaties toe. Kleur en lichaamsvorm zijn daarom geen bewijs van registratie. De gewenste maat in de tabel geldt voor het fokdoel op driejarige leeftijd, niet als vaste schofthoogte voor volwassen Oldenburgers.

Bekijk een paard stilstaand en in beweging. Noteer wat je zelf ziet aan lichaamsbouw, stap, draf en galop. Kijk ook hoe het zich laat halen, poetsen en opzadelen. Zo beoordeel je het aangeboden paard in plaats van een algemeen rasbeeld.

Fokrichting, gebruik en aanleg voor training

Volgens de stamboekorganisaties ligt bij OL in de fokkerij vooral nadruk op dressuuraanleg en bij OS op springaanleg. Het OS fokprogramma noemt de springsport als doel. Dat maakt niet ieder OL paard een dressuurpaard of ieder OS paard geschikt voor jouw springplannen.

  • Vraag naar de opleiding: wat doet het paard nu, en hoe lang doet het dat al?
  • Kijk naar het beoogde gebruik: laat het paard tonen in omstandigheden die lijken op wat jij ermee wilt doen.
  • Bespreek de samenwerking: vraag een instructeur die jou kent om mee te kijken naar gedrag, opleiding en jouw ervaring.

Voer, beweging, hoeven, stal en tuig op maat

Ook bij een Oldenburger bepaal je de dagelijkse zorg per paard. RVO noemt voldoende ruwvoer, schoon drinkwater, dagelijks vrij bewegen, contact met soortgenoten en een droge plek als onderdelen van goede paardenzorg. Voor een stalbox is de werkelijke schofthoogte van belang, niet de gewenste maat uit het fokprogramma.

Praktische zorgchecklist voor het individuele paard
Onderwerp Wat bekijk je? Met wie bespreek je vragen?
Voer en water Ruwvoer, schoon water, eetlust en veranderingen in lichaamsconditie. Een deskundige voor een rantsoen dat past bij dit paard en zijn werk.
Beweging en gezelschap Vrije beweging en dagelijks contact met andere paarden. De stalhouder als de dagelijkse mogelijkheden tekortschieten.
Hoeven Vuil of steentjes in de hoeven en veranderingen in het lopen. Een hoefsmid voor hoefzorg; een dierenarts bij kreupelheid.
Stal en buitenruimte Ruimte om te bewegen, een droge ligplek, beschutting en toegang tot water. De stalhouder als de inrichting niet bij het paard past.
Tuig Pasvorm, schuurplekken en de reactie van het paard bij gebruik. Een passende vakpersoon voor de beoordeling van zadel of ander tuig.

Het LICG adviseert onder meer de hoeven op voorwerpen te controleren en goed passend harnachement te gebruiken. Eet een paard niet, loopt het kreupel of verandert zijn gedrag duidelijk, overleg dan met een dierenarts.

Hoe kies je een halster?

Kies geen halstermaat op basis van de rasnaam. Pas het halster op het hoofd van dit paard en let op verstelbaarheid, schuren en of het bij gebruik goed blijft zitten. Je kunt halsters bij Farmora bekijken; de geschikte maat en uitvoering bepaal je pas voor het individuele paard en artikel.

Gegevens en begeleiding vóór de aanschaf

Begin met jouw doel en ervaring. Zoek je een paard om buiten te rijden, les mee te volgen of voor sport te trainen? Vraag de verkoper vervolgens naar de dagelijkse routine, opleiding, eerder gebruik en bijzonderheden bij het hanteren. Laat het paard indien mogelijk ook door zijn vaste verzorger halen en klaarmaken. Een instructeur kan mee beoordelen of jullie bij elkaar passen. Bespreek met een paardendierenarts welke aankoopkeuring zinvol is voor het gebruik dat je voor ogen hebt. Het LICG noemt deskundig advies en een aankoopkeuring als aandachtspunten bij de aanschaf.

Vragen om paard en toekomstige stalling te vergelijken
Jouw situatie Vraag vóór je beslist
Stalling met uitloop en soortgenoten Hoe went dit paard aan de groep en hoe wordt het dagelijks begeleid?
Stalling met weinig uitloop Hoe krijgt het paard dagelijks gelegenheid om vrij te bewegen? Past een andere stalling beter?
Een nieuw rijdoel Sluiten de huidige opleiding van het paard en jouw begeleiding op elkaar aan?

Leg de afspraken en over te dragen documenten vast. Een paardenpaspoort is volgens het LICG geen eigendomsbewijs. Koop geen paard zonder geldig paspoort: volgens RVO moet de verkoper het paspoort bij overdracht meegeven en moet het chipnummer overeenkomen. Bespreek ook met de toekomstige stalhouder wie de registratie verzorgt. De houder van de verblijfslocatie registreert paarden die daar 30 dagen of langer verblijven in het Nederlandse systeem voor identificatie en registratie.