Rattengif op het erf: risico’s voor dieren en regels
Praktische gids
Rattengif op het erf: risico’s voor dieren en regels
Zie je rattensporen bij voer, in een dierenverblijf of buiten op het erf? Onderzoek eerst waar de activiteit plaatsvindt en pak bereikbare voedselbronnen en schuilplaatsen aan. Rattengif is geen automatische vervolgstap. In de Nederlandse aanpak voor knaagdierbeheersing gaan preventie en niet chemische maatregelen vóór chemische bestrijding. De NVWA legt deze volgorde uit voor agrarische bedrijven.

Inhoudsopgave
- Producten bij deze gids
- Rattensporen bij voer, in dierenverblijven en op het erf
- Rodenticiden, vallen en preventie: wat is het verschil?
- Risico's van rattengif voor dieren, mensen en voer
- Toelating, gebruikslocatie en etiket controleren
- Claims over extra sterk rattengif kritisch beoordelen
- Wanneer een bevoegde rattenbestrijder inschakelen?
Handig bij deze gids
Deze producten sluiten aan op de onderwerpen in deze gids. Bekijk per product het gebruik en waar je op moet letten bij je keuze.
Droog voer afgesloten bewaren

Voerton met Deksel en Slot, 80 l – Vplast
Een voerton met deksel en slot geeft droog voer een vaste, afgesloten plek terwijl je voedselbronnen voor knaagdieren aanpakt.
Let op bij je keuze Controleer of 80 liter past bij je voorraad en houd verdacht voer apart.
Kieren in gebouwen weren

Afdichtingsmateriaal van RVS 316 op Rol 10 m x 15 cm – Netnox
Met flexibel afdichtingsmateriaal kun je kieren afschermen waar knaagdieren mogelijk naar binnen komen, terwijl ventilatie mogelijk blijft.
Let op bij je keuze Meet de kier en bepaal of op die plek lucht moet kunnen blijven stromen.
Activiteit volgen zonder gif

Monitoringsblok voor Muizen en Ratten, Fluorescerend, 320 x 15 g – Fluo-NP Track & Trace Block
Met gifvrije monitoringsblokken kun je nagaan waar muizen of ratten in en rond gebouwen actief zijn voordat je verdere maatregelen kiest.
Let op bij je keuze Kies vaste controlepunten waar voer en andere dieren niet bij de blokken kunnen.
Rattensporen bij voer, in dierenverblijven en op het erf
Aangevreten verpakkingen, knaagschade, uitwerpselen en vettige veegsporen kunnen wijzen op knaagdieren. Eén spoor vertelt je nog niet zeker welk dier het heeft achtergelaten of welke maatregel nodig is. Noteer wat je ziet en waar je het ziet. Bekijk de signalen die de NVWA beschrijft.
| Plek | Leg vast | Eerste aandachtspunt |
|---|---|---|
| Bij voer | Welke voorraad of verpakking is geraakt en of je uitwerpselen ziet. | Houd verdacht voer apart van voer voor dieren en onderzoek hoe de voorraad bereikbaar werd. |
| In een dierenverblijf | De plaats van de sporen, aanwezige dieren en zichtbare schade. | Ruim gemorst voer op en kijk waar dieren met een eventuele bestrijdingsmaatregel in aanraking zouden kunnen komen. |
| Buiten op het erf | Waar je activiteit ziet ten opzichte van gebouwen en opslag. | Bekijk voedselbronnen en schuilplaatsen; leg niet op basis van één waarneming gif neer. |
Voerresten opruimen en schuilplaatsen wegnemen zijn voorbeelden van preventie die de NVWA noemt. Maak voor voeropslag en toegangspunten een afzonderlijk plan dat past bij jouw gebouw.
Rodenticiden, vallen en preventie: wat is het verschil?
Een rodenticide is een chemisch bestrijdingsmiddel tegen knaagdieren. Een val is een niet chemisch middel. Preventie richt zich op de omstandigheden die knaagdieren voedsel of onderdak bieden. In de Nederlandse IPM aanpak komen waarnemen en voorkomen eerst, daarna zo nodig niet chemische bestrijding. Voor rodenticiden op basis van door het Ctgb aangewezen stoffen geldt inzet als laatste redmiddel binnen dat systeem. Lees welke stoffen en voorwaarden het Ctgb bedoelt.
Een val vraagt ook om een verantwoorde keuze in een omgeving met andere dieren. Welke val geschikt is, is een apart onderwerp. De woorden ‘extra sterk’ zeggen niets over de toelating of geschiktheid van een gif voor jouw erf.
Risico’s van rattengif voor dieren, mensen en voer
Bij verkeerd gebruik kunnen mensen en dieren aan rodenticiden worden blootgesteld en kan de voedselveiligheid in gevaar komen. Knaagdieren kunnen een middel verslepen. Ook dieren die een vergiftigd knaagdier opeten, waaronder katten en roofvogels, lopen risico. Waar vee bij rodenticiden kan komen, mogen ze volgens de NVWA niet worden gebruikt.
Breng daarom vóór een gesprek over bestrijding in kaart welke dieren en mensen de plek bereiken, waar voer ligt en of honden, katten of wilde dieren verzwakte knaagdieren kunnen oppakken. Kijk ook of er al een onbekend bestrijdingsmiddel aanwezig is. Dit zijn vragen voor een risicobeoordeling, geen aanwijzingen om zelf gif te plaatsen.
Vermoed je blootstelling? Bel bij een mogelijk vergiftigd dier direct de dierenarts en houd, als je die hebt, de verpakking bij de hand. Laat het dier niet zelf braken. Vermoed je vergiftiging bij een mens, neem dan contact op met de huisarts of buiten kantooruren de huisartsenpost. Het LICG geeft advies voor huisdieren; het NVIC beschrijft de route voor mensen.
Toelating, gebruikslocatie en etiket controleren
Een verpakking met ‘tegen ratten’ is geen toestemming voor gebruik op iedere plek. Controleer voor Nederland de exacte productnaam en het toelatingsnummer op het etiket. Zoek de geldende toelating en lees het actuele wettelijke gebruiksvoorschrift: kloppen de doelsoort, locatie, gebruiker en voorwaarden met de beoogde situatie? Het Ctgb legt uit waar je toelatingsnummers controleert en wijst erop dat sommige Europese toelatingen niet in de Nederlandse databank staan. Een samenvatting van databankgegevens vervangt het volledige gebruiksvoorschrift en etiket niet.
- Situatie: welke activiteit is vastgesteld en wat is al gedaan om voedsel en schuilplaatsen weg te nemen?
- Risico: kunnen dieren of mensen worden blootgesteld, of kan voer worden geraakt?
- Product: is precies dit middel voor de bedoelde doelsoort en locatie toegelaten volgens het actuele voorschrift?
- Gebruiker: wie zou het toepassen en welke persoonlijke bevoegdheid en eventuele bedrijfscertificering zijn daarvoor vereist?
In Nederland mogen particulieren sinds 2023 geen anticoagulantia of middelen op basis van cholecalciferol tegen ratten en muizen gebruiken. Voor professionals en opgeleide agrariërs gelden voorwaarden die mede van het middel afhangen. Eigendom van een erf geeft op zichzelf geen gebruiksbevoegdheid. Voor buitengebruik van anticoagulantia geldt bovendien: niet in open veld. Het Ctgb beschrijft de gebruikersgroepen, RVO de eisen voor agrarische bedrijven en het Ctgb de criteria voor buitengebruik. Vind je geen duidelijke bevestiging voor jouw situatie, gebruik het middel dan niet op basis van een verkooptekst. Buiten Nederland moeten de toelating en voorwaarden van het betreffende land afzonderlijk worden gecontroleerd.
Claims over extra sterk rattengif kritisch beoordelen
Een sterkteclaim of ranglijst vertelt niet of een middel op jouw erf gebruikt mag worden. Vraag naar de exacte productnaam, werkzame stof en het toelatingsnummer. Vergelijk vervolgens de genoemde doelsoort, locatie en gebruikerscategorie met het actuele officiële voorschrift. Zonder die gegevens is ‘extra sterk’ geen bruikbare keuzehulp. Het Ctgb adviseert voor volledige productinformatie het gebruiksvoorschrift en etiket te raadplegen.
Wanneer een bevoegde rattenbestrijder inschakelen?
Vraag deskundige hulp als je ondanks preventie opnieuw activiteit ziet, niet weet welk knaagdier aanwezig is, of als voer en dierenverblijven betrokken zijn. Doe dat ook wanneer iemand gif voorstelt maar de toelating of bevoegdheid niet kan verduidelijken. Een professionele plaagdierbeheerser kan de situatie beoordelen en een aanpak met je bespreken. De NVWA beschrijft wat je van zo’n aanpak kunt verwachten.
Neem voor het eerste gesprek de plekken en data van je waarnemingen, foto’s van sporen, informatie over aanwezige dieren en voer, en je al genomen preventieve maatregelen mee. Vraag hoe de gekozen aanpak wordt geëvalueerd. Blijf ondertussen voerresten en schuilplaatsen aanpakken.